AANPAK VERSLAVINGEN

 


 

AANPAK VERSLAVINGEN

 

Soms word ik gegrepen door ervaringen en door wat ik lees. Op 1 juli stond er een artikel in de Volkskrant. Een artikel met de kop: “De IJslandse jeugd is van de drank af”. Uit het artikel blijk dat de IJslandse jeugd niet alleen de drank liet staan, maar ook de wiet en sigaretten. De overheid had ze met tal van acties aan het sporten gekregen. De cijfers waren verbluffend. Waar in 1998 bijna de helft van de 15/16 jarigen in IJsland wel eens dronken was geweest, bleek dat in nog maar 5 %. Het cannabisgebruik daalde van 17 % naar 7 % en het percentage jongeren dat dagelijks rookte van 23 naar 3 %. In het uitgebreide artikel viel mij één uitspraak op: “Vroeger was je een uitzondering als je op je veertiende niet dronk. Het mooie is: nu ben je een uitzondering als je dat wel doet.”

Ik ga al jaren met mijn zoon op vakantie naar de noordelijke eilanden in de Atlantische Oceaan en het verbaasde mij met regelmaat over hoe op de eilanden omgegaan wordt met de jeugd, de saamhorigheid op die eilanden en de activiteiten gericht op de jeugd. Reeds in mijn reisverslag over een vakantie op IJsland (2007) schreef ik over een waarneming: “Wat ook opvalt is het grote aantal jongeren dat bezig is in het plaatsje aan de openbare ruimte en in het haringmuseum. Het blijkt in deze regio gewoon te zijn voor scholieren, die drie maanden zomervakantie hebben, dat ze tegen betaling vakantiewerk kunnen doen voor de gemeente. Misschien een ideetje voor onze gemeente.” Nadien constateerde ik soortgelijke zaken op mijn vakanties op de Faroer eilanden, de Shetlands of de Orkney’s. Wat mij ook keer of keer opviel waren de vaak zeer goede en uitgebreide sportfaciliteiten voor soms heel weinig mensen.

Zo schreef ik in 2013 in het reisverslag over een bezoek aan Whalsay (Shetlands): “Wat opvalt is het hoge niveau van de voorzieningen. Bij het schooltje lag een multifunctioneel sportveldje wat op deze zaterdag, terwijl de school dicht is, vrij toegankelijk was. Wat voor ons echter onvoorstelbaar was is de omvang van de sportvoorzieningen. Een groot leisurecentrum, zwembad, en voetbalterrein gecombineerd met speelvoorzieningen voor de kleinsten. Voor ongeveer 1000 inwoners in onze ogen wel heel veel voorzieningen van hoge kwaliteit.”

In het reisverslag over een reis naar de Faroer eilanden dit jaar is te lezen dat mij een aantal dingen opviel. Bijvoorbeeld dat scholen, hoe klein ook, beschikken over sportfaciliteiten zoals een voetbal of handbalkooi, vaak gecombineerd met basketbal. Ook hoe gemeenschapszin bevorderd wordt of in stand gehouden . Zo woonden wij een roeiwedstrijd bij met Faeröereese roeiboten. Toen we aankwamen waren er al tientallen aanwezig. Uiteindelijk telden we er omstreeks veertig in 6, 8 en 10 persoonsuitvoering. Veel boten kenden zowel een mannen- als een vrouwenteam. Alleen de sekse van de stuurman of vrouw is onbepaald.  Buiten de wind, en zo nu en dan een buitje, was de sfeer fantastisch. Veel dorpen of eilanden kennen hun eigen team. Nog meer dan met voetbal is dit de manier om de competitie met de andere dorpen aan te gaan. Mij verbaasde het in wat voor sfeer dat gebeurde. Gemoedelijk en tegelijkertijd competitie gericht. De boten werden gekoesterd en met liefde omringd. Een enkele keer zag ik dat het voorste uiteinde van de boeg voor de tewaterlating werd omarmd en soms gekust. Toen de wedstrijd, wegens te harde wind, werd afgeblazen viel mij op dat dit gebeurde zonder wanklank of protesten. De boten werden aan de kant gehaald en uit het water en gingen weer op de trailers. De gemeenschapszin wordt bevorderd door de roeiwedstrijden en de liefde voor het gemeenschappelijke onderhoud van de gekoesterde boten.

Dit soort bijeenkomsten getuigen in mijn ogen van een gemeenschapszin waar ik jaloers op ben. Toen we op een avond thuis kwamen was er een punt van verwondering. Op ‘ons’ strandje bevonden zich een zestal tienermeisjes die wat (warms) dronken en op een vuurtje marshmallows roosterden. Wat later deden ze een spelletje met houten plankjes. Ik zie het bij ons in Bergen op Zoom niet zo snel gebeuren dat op een totaal verlaten strandje zes meisjes uren lang in het half duister al keuvelend en in alle rust met eenvoudige houten plankjes een spelletje doen. Een samenleving als op de Faeröer lijkt soms zo simpel, maar ik ben er jaloers op. Zij hebben nog iets wat wij zijn kwijtgeraakt. Je hebt geen luxe of mobieltjes nodig om als mannen/jongens onder elkaar te zingen over het (harde) leven (een andere waarneming) of als meiden/ vriendinnen onder elkaar op een strandje in de buurt de avond door te brengen.

Het Volkskrant artikel laat zien dat die aanpak in IJsland en op de andere eilanden werkt en door mijn waarnemingen worden bevestigd. In de IJslandse opzet blijkt de aanpak van 13/16 jarigen met veel sport belangrijk, waarbij ook de ouders betrokken worden. Meer tijd besteden aan je kinderen en weten waar ze zijn en wat ze doen. Ik besef dat de schaal van IJsland (circa 300.000 inwoners) een andere is dan Nederland. Toch kunnen de IJslandse lessen waardevol zijn. Ook onze jeugd verdient de beste start naar volwassenheid die we hen kunnen geven.  

 

 


 

 

VAKANTIE 2014 ORKNEY EILANDEN

 


 

VAKANTIE 2014 ORKNEY EILANDEN

 

16 mei
Vanmorgen om 05.30 uur met de KA vertrokken naar Schiphol. Het wordt anders dan anders. Voor het eerst ga ik niet alleen met Alexander op vakantie maar gaat zijn vriendin Carola ook mee. Dit wordt ook de eerste keer dat we naar de Orkney’s gaan. Net als voorgaande vakanties gaan we op een archeologische vakantie. We zakken langzaam af: na eerst IJsland, toen twee keer de Faröer eilanden en daarna twee keer naar de Shetlands, nu de eilandengroep die het dichtst voor de Schotse noordkust ligt de Orkney’s . Omstreeks 07.00 kwamen we bij P3 aan, de langparkeerplaats bij Schiphol. Ik heb nog nooit zoveel ruimte gezien. Het parkeerterrein biedt veel ruimte. Een gevolg van de crises? Ik parkeer de KA op dezelfde plek als altijd (bij het hek recht tegenover het AH ophaalpunt). Als je de auto altijd op dezelfde plek parkeert, heb je nooit moeite hem te vinden. Je loopt dan wel iets verder.

Het inchecken met de automaat gaf de nodige problemen en wat gemopper van Alexander. Alexander en elektronica is niet altijd een gelukkige combinatie. Het apparaat weigerde zijn paspoort te lezen. Ook de vorige keer was dat het geval maar nu had hij pas een nieuw paspoort. Na enige tijd kwam er een papiertje uit dat ons verwees naar de balie. De vraag is dan welke balie? Ik sprak een jongedame in KLM uniform die ons, na enig overleg, naar een balie stuurde voor het inleveren van de koffers en daar werden we alsnog voorzien van de benodigde boarding pass. Na enig rondhangen, richting de douane. We mochten door. Daarna de controle op gevaarlijke zaken. Jas uit, riem af, alle metalen spullen uit je zakken, alle elektronica in een apart bakje  en alle tassen op de band. Alexander zijn rugzak trok bijzondere aandacht. De muntzakjes leken eerst de oorzaak maar daarna bleek ook zijn fototas een probleem. Hij was wat vergeten! In de tas bleken vier loodzware offset drukplaten te zitten die hij gebruikt voor het stabiel wegzetten van zijn statief. Het gaf voor ons het nodige oponthoud, zijn fototas werd wel drie keer doorgelicht. Onze 737-700 naar Glasgow vertrok te laat omdat “de security checks” zolang duurden. Die Alexander toch!

De vlucht naar Glasgow verliep voorspoedig. Onze koffers waren weliswaar doorgelabeld, maar de koffers kwamen toch van de band. Het opnieuw inchecken duurde lang, omdat de jongedame van Flybee een probleem constateerde en veel raad van andere medewerkers vroeg. Na enige tijd constateerde ik dat twee op elkaar lijkende namen (Alexander en ik hebben deels dezelfde voorletters en dezelfde achternaam), het probleem was. Met mijn paspoort in de hand was op haar beeldscherm de naam van Alexander opgedoken. Het werd haar na mijn opmerking allemaal duidelijk en we werden ingecheckt. Daarna kon de achter ons staande rij opgelucht ademhalen. Ook hier werden de spullen van Alexander goed doorzocht vanwege de stukken metaal. Carola moest hier haar schoenen uittrekken en in Amsterdam niet. Niet alle apparatuur kent dezelfde afstelling. Dan is de vraag waar moeten we zijn? Waar is onze gate? Ons gatenummer was veranderd in een sterretje. We gingen toch maar naar het originele gatenummer in de verwachting dat daar wel iemand zou verschijnen die ons de juiste plek zou kunnen wijzen. Het bleek dat op het zelfde tijdstip van dezelfde gate een ander toestel vertrok. Toen die weg was verscheen onze vlucht op het bord. De Saab F 340 bracht ons met veel geronk naar Kirkwall. De koffers waren er zo en we gingen de huurauto bij W.R. Tullock ophalen. Dat was geen probleem.

orkney 001

Vrouwelijk schoon aan ons gezelschap toegevoegd

De blauwe Ford Fiësta is toch wel wat groter dan de mij vertrouwde KA. Al bij de eerst bocht zat ik bijna in de struiken. Daarna ging alles OK en deden we inkopen bij Tesco. Vervolgens vonden we onze verblijflocatie bij Finstown zonder problemen. Het huisje was, zoals de website www.orkneyself-catering.com het beschreef.

Na wat gegeten te hebben en een dutje gingen Alexander en Carola wandelen. Ik liep een stukje mee, daarna vervolgden zij hun tocht om na thuiskomst  te vermelden dat zij hun eerste tombe hadden bezocht op de top van de Cuween Hill. De ondergronde graftombe is meer dan 4.500 jaar geleden gebouwd. 

orkney 002

De tombe van Cuween Hill

17 mei
Ik ben om 5.00 uur opgestaan. Het was prachtig weer. De zon was binnen ons uitzicht boven de zee en eilanden opgekomen. Tot 10.30 uur heb ik twee keer buiten in het zonnetje zitten lezen. Omdat het vrijwel windstil was, kreeg ik het niet snel koud. We hadden afgesproken dat ze mochten uitslapen. Dat deden ze. Pas tegen 11.00 uur werden ze wakker. Het weer was toen al aan het veranderen. Langzaam trok de lucht dicht en in de loop van de dag zou het gaan druppelen onder toenemende wind en tegen 17.00 uur was het echt regen. 

Omstreeks 12.30 uur zijn we op pad gegaan. De eerste stop was Tormiston Mill. Daar ontdekten we dat een bezoek aan Maeshowe alleen mag in een excursie met een gids en dat er niet gefotografeerd mag worden. Alexander is teleurgesteld. Hij geniet graag in alle rust van een dergelijk monument. Maeshowe is de grootste Neolitische (steentijd) graftombe van de eilanden.  Na enige tijd besluiten we toch maar met de excursie mee te gaan. De gids is een jonge dame die na iedere reactie van uit haar publiek, 13 in getal, reageert met “cool”! Ze vertelt al giechelend haar verhaal en plaatst Maeshowe in de context van de andere sites in de omgeving: The Stones of Stenness, Barnhouse village, waar Carola even aan de prehistorische haard heeft gezeten, en The Ring of Brodgar en the Ness of Brodgar. Al deze locaties hebben we vandaag bezocht.

orkney 003

De grootste Neolitische (steentijd) graftombe van de eilanden: Maeshowe!

orkney 004

Vlakbij de steencirkel van Stennes lag het uit de late steentijd daterende nederzettinkje Barnhouse village, genoemd naar de nabij gelegen boerderij. De nederzetting bestond uit tenminste 13 gebouwen. Wat opvalt is dat op al deze locaties bezoekers zijn. Dit is heel anders dan op de Shetlands waar we bijna zonder uitzondering in rust en alleen van dit soort sites konden genieten. Hier is het wachten tot zich een dergelijk moment voor doet. Alexander zal er even aan moeten wennen.

orkney 005

Eén van de stenen van de steencirkel van Stennes, niet bepaald kleine steentjes te noemen.

orkney 006

Vlakbij de steencirkel van Stennes lag het uit de late steentijd daterende nederzettinkje ‘barnhouse village’, genoemd naar de nabij gelegen boerderij. De nederzetting bestond uit tenminste 13 gebouwen waarvan hier op de foto de grootste te zien is.

orkney 007

Carola warmt haar handen aan de haard op deze koude, winderige dag.

orkney 008

De 5 overgebleven stenen van de steencirkel van Stennes. Toen de cirkel meer dan 5.000 jaar geleden werd aangelegd bestond deze uit 12 rechtopstaande stenen. Hoewel er geen geschreven bronnen bestaan, heeft onderzoek op de locatie uitgewezen dat deze cirkel vermoedelijk gewijd was aan het vieren van het leven. Dit in tegenstelling tot de nabij gelegen ring of Brodgar (ook een steencirkel) die geheel gewijd was aan de dood.

The Ring of Brodgar is indrukwekkend. 27 staande stenen, meters hoog en tonnen zwaar. De Ring heeft een doorsnede van 104 meter. Het geheel is nog eens omgeven door een ruim 10 meter brede en 3 meter diep in de steenbodem uitgehakte greppel. Een enorm werk van de prehistorische bewoners van de Orkney’s. Tijdens ons bezoek aan the Ring of Brodgar werd de locatie ook bezocht door een fotograaf met een bruidspaar. Een wat oudere man geheel in Orkney stijl, inclusief dolk in zijn kousen en zijn bruid die met blote armen de regen en koude wind trotseerde.

orkney 009

orkney 010

8 stenen die samen met de 19 andere nog overgebleven stenen de Ring of Brodgar vormen. Oorspronkelijk bestond de ring uit 60 stenen die gezamenlijk een vrijwel perfecte cirkel vormden met een diameter van ruim 104 meter! Het geheel is nog eens omgeven door een ruim 10 meter brede en 3 meter diep in de steenbodem uitgehakte greppel.

De Ness of Brodgar was een afgedekte lopende opgraving. Zeker iets voor een volgende vakantie. De opgraving gaat verder als wij al weg zijn. Toen om 17.00 uur de regen in intensiteit toenam, zijn we doorgereden naar Stromness op zoek naar een werkende pinautomaat en een restaurant. Daar maakte ik een lelijke val op de schouder die mij al weken laat afzien. Met behulp van Alexander ben ik overeind gekomen. Toen dachten Alexander en Carola dat ik even niet volledig bij bewustzijn was omdat ik niet op hen reageerde. Alexander is toen hulp gaan halen in een nabij gelegen café. Die kwamen onmiddellijk, maar ik was onder de goede zorgen van Carola weer geheel tot mijn positieven gekomen en had de trilling van mijn handen weer onder controle. Zelf had ik niet het idee dat ik even weg was geweest. Maar de pijnscheut was wel hevig geweest. Dan heb ik soms minuten nodig om alles weer op orde te krijgen. Ik maakte vermoedelijk een misstap op het gladde stoepje.

In het café met een warme beker chocolademelk ging het rap beter. Het verkleumde geradbraakte lijf had het nodig. Na een half uurtje zochten we in hetzelfde gebouw, het Hotel Stromness, het restaurant op. De bediening was vriendelijk. De dienstertjes zouden wel zusjes kunnen zijn. Het restaurant was op enig moment bijna volledig bezet. De tent draaide goed. Als voorgerecht namen Carola en ik de linzensoep (dik, warm en vullend). Alexander ging voor de “prawn bites” ze smaakten hem uitstekend. Als hoofdgerecht ging ik voor de gegrilde “haddock”. Ik koos bewust voor iets licht verteerbaars, ik had er geen spijt van. Carola ging voor de “sirlion steak”. Een stevig stuk vlees dat haar goed smaakte. Alexander ging voor de “seafood grill”. Het bleek een schotel te zijn met een halve kreeft, drie stukken zeeduivel, een drie coquilles.

orkney 011

Zo’n bordje uit zee gaat er wel in

Het smaakte hem meer dan uitstekend. Carola en Alexander namen ijs van de eilanden als toetje. Het bleek wel lekker maar niet zoals het romige Hertogs ijs dat ze in Nederland gewend zijn. Samen met de drankjes koste dit alles nog geen 80 pond. Dit restaurant is zeker een herhaald bezoek waard. Toen ik het adres zag, wist ik dat dit een reden had. Het adres was “Pier Head”! De naam van het restaurant in Lower Voe op de Shetlands waar we de twee laatste vakanties bijna alle keren aten. De reis naar ons huisje in Finstown verliep uitstekend. Buiten wat problemen met mijn linker schouder had ik geen problemen met autorijden.     

18 mei
De dag begon grauw met wat mist rond de heuveltoppen en wat motregen. Tegen tien uur werd het droog en in de loop van de dag werd het steeds lichter en tegen drie uur in de middag kregen we steeds vaker de zon te zien.

Tegen 12.00 uur vertrokken we over de A965 richting Stromness bij de afslag naar de A964 zagen we een bordje richting een chambered cairn (tombe) Unstan het was de wandeling zeker waard.

orkney 012

De binnenkant van de tombe van Unstan. De meeste van deze ondergrondse tombes zijn in de 19e eeuw opengebroken door het dak eraf te slopen. Soms is dit later hersteld maar vaak werd er, zoals ook hier, een cementen dak overheen geconstrueerd.

We vervolgden de A964 richting Houton op deze route en stopten bij de afslag (Ireland Road) waar Alexander en Carola een oude watermolen bekeken.

orkney 013

De oude watermolen van Eyrland Mill langs de weg naar Houton

orkney 014

Buitengewoon humoristisch bord, misschien een idee voor Bergen op Zoom?

Vlak na Houton stopten we om te genieten van het uitzicht over de baai Scapa Flow, die in beide wereldoorlogen zo belangrijk was als ‘veilige’ thuishaven voor grote delen van de Britse vloot. Via de Gyre Road bereikten we de Orphir Round Kirk de restanten van een ronde kerk die omstreeks 1120 gebouwd was. Daar bezochten we ook het bezoekerscentrum en verbaasden ons er weer eens over dat een dergelijke voorziening onbemand en goed ingericht  heel en schoon blijft en bij ons in no time leeg geroofd zou zijn.   

orkney 015

Het enige wat nog resteert van de oude kerk uit 1120

Bij Orphir kwamen we weer op de A964. Aan de zuidkant van de weg ter hoogte van Hobbister zette ik Carola en Alexander af. Zij maakten een mooie natuurwandeling door het National Nature Reserve naar de volgende parkeerplaats langs de A964. Waar ik, na een poosje wachten, ze een stukje tegemoet ben gelopen.

orkney 016

Het uitzicht op de kliffen van Hat, Starabir, Moo Cliff en Roo Point

Verder over de A964 tot de afslag Bloomfield Road. Deze weg vervolgden we tot de Old Finstown Road. We gingen links af en vrijwel direct weer rechtsaf een weg op die ons zou voeren naar de Wideford Hill tombe. We reden echter eerst door tot de top van de heuvel (225 meter hoog) om te genieten van het panorama en het mooie zicht op Kirkwall. Voor de vergezichten zeker aan te bevelen. Daarna maakten Alexander en Carola de wandeling over de hellingen naar de tombe van Wideford Hill. De berg met zand die ooit over de tombe heen lag, is in de veertiger jaren van de 19e eeuw, toen de tombe werd ontdekt, verwijderd.

orkney 017

Halverwege de helling van Wideford Hill ligt verscholen in het veen, de Wideford Hill tombe. De berg met zand die ooit over de tombe heen lag is in de veertiger jaren van de 19e eeuw verwijderd toen de tombe werd ontdekt

orkney 018

Omdat de originele ingang van de tombe eigenlijk te smal is, zit er tegenwoordig in het dak van de tombe een luik. Carola verdwijnt hier langzaamaan in de diepte.

Alexander had nog meer plannen maar mijn maag voert de boventoon en we reden naar Stromness naar het restaurant van gisteren. Ook de kinderen hadden honger. Alexander bestelde twee voorgerechten, de ingepakte garnalen van gisteren en een krabsalade. De krabsalade was heerlijk vers, maar Alexander is geen liefhebber van de schaaldelen die er ook in voorkwamen. Carola nam een soort champignonschotel die ze zich goed liet smaken. Ik nam de ingepakte garnalen die Alexander gisteren zo waardeerde. Ik was het met hem eens. Als hoofdgerecht nam Alexander een tongfilet en Carola een kipfilet, beiden voldeden aan de verwachtingen. Ik nam de sirloin steak en ook die smaakte goed. Nu geen nagerecht maar de kinderen namen een drank je na. Carola thee en Alexander een 25 jaar oude Highland Park whisky. Het geheel kwam op 85 pond. Na half negen ‘s avonds kwamen we weer thuis en belden Ank. 

19 mei
De dag begon wat heiig en met lichte regen. Tegen elven werd het lichter en vielen er zo nu en dan wat druppels. Om 14.00 uur was het geheel droog en kwam de zon definitief door. Het werd een voor de Orkney’s mooie dag. Omstreeks 12.00 uur vertrokken we om via de A965 richting centrum Finstown te gaan. Met een kerk, twee kappers en een kruidenierswinkeltje en een Take Away. In het centrum de afslag genomen naar de A966. Vanaf de A966 namen we de eerste afslag naar rechts. Door gereden tot North Wald en daarna terug naar de A966. Toen de tweede (verharde) afslag rechts genomen richting Gorseness. Op deze weg de eerste afslag naar rechts genomen om via een dicht bij de kust gelegen route uit te komen bij een boerderij genaamd South Aittit. Nabij die boerderij bevindt zich een begraafplaats met de restanten van een kerkje uit 1732.

orkney 020

Het nog steeds in gebruik zijnde kerkhofje met daarop de ruïne van de kerk van South Aittit uit 1732

orkney 021

De earl of de laird mocht via de poort het kerkhof op. Het gewone gepeupel moest echter gebruik maken van in de ommuring aangebrachte trapstenen. Ook wij vonden dat we beter op deze manier het kerkhof konden betreden.

Alexander en Carola gingen daarna op zoek naar de mogelijke restanten van de Knowe of Dishero, een broch die meer dan 2.000 jaar geleden werd gebouwd. Wel gevonden maar het stelde niet veel voor. De wandeling eindigde wel met natte schoenen en sokken want hun besluit via de kust terug te keren, liep niet geheel naar wens.

orkney 022

De resten van de Knowe of Dishero, een broch die meer dan 2.000 jaar geleden hier aan de kust is gebouwd. Helaas was er weinig meer van over, maar om de nog in de grond aanwezige resten tegen afkalving te beschermen is deze muur langs de rand gebouwd.

Daarna via Gorseness gereden naar de Hall of Rendall. Daar bevindt zich een dovecote (duiventil) gebouwd in 1648, een zeldzaamheid in Schotland. De binnenkant van de duiventil biedt plaats aan honderden duiven en getuige de enorme hoop duivenpoep op de vloer is deze nog steeds in gebruik. Een merkwaardig gebouw dat een bezoek zeker waard is.

orkney 023

Een enorme stenen duiventil uit 1648. Een zeldzaamheid in Schotland.

orkney 024

In de duiventil

Daarna zijn we doorgereden naar Tingwall, waar de ferry vertrekt naar Rousay, Egilsay en Wyre. Daar hebben we de loslopende kippen bewonderd, die zich van de nabijheid van een poezenbeest niets aantrokken.

Toen terug naar de A966 en verder naar het noorden doorgereden tot de afslag naar de Broch of Gurness en de daaromheen gelegen nederzetting uit het begin van onze jaartelling. Een locatie met een mooi uitzicht over de Eynhallow Sound met voor ons merkwaardig rotsformaties aan de kust. De rotsen eroderen daar als ware het plakken kaas die één voor één loslaten. Deze broch en de aangesloten bebouwing geven een mooie inkijk in de ontwikkelingen ter plaatse. Alexander genoot en maakte vele foto’s.

orkney 025

Broch of Gurness. De verdedigingsmuur en greppel rondom de nederzetting.

orkney 026

Toen de broch en het dorpje al lang verdwenen waren is op dezelfde plek een Viking vrouw begraven. De resten van haar bootvormig graf waren nog een beetje zichtbaar.

orkney 027

Resten van de vele huizen rondom de broch met een mooie haard in het midden.

orkney 028

Louis en Carola in de toegangspoort van het brochcomplex

orkney 029

De buitenste verdedigingsmuur en greppel rondom de nederzetting.

Leuk was een gesprek wat ik had met een Canadese die een archeologe bleek te zijn. Alexander nam met genoegen het gesprek over, toen bleek dat ze, nadat ik had vermeld dat hij archeoloog was, hem wilde adopteren. Ik was volgens haar een goede vader omdat ik jaar na jaar met hem op stap ging op archeologische vakanties. Ze kon leuk vertellen over haar archeologische werkzaamheden in Canada.

Het liep tegen zessen toen we ons over de A966 terug spoeden naar Finstown om boodschappen te doen bij de plaatselijke kruidenier. Toen door naar ons vertrouwde adres in Stromness. We gingen daar nog op zoek naar een brievenbus, die we niet vonden. Daarna de ansichtkaarten in het hotel waar we eten bij de receptie gepost. Zij zullen er voor zorgen dat ze afgegeven worden in het winkeltje dat klaarblijkelijk als postkantoor functioneert. Bij het eten gingen we deels op herhaling. Als voorgerecht aten Carola en ik een bosuitjessoep. Ik vond het best lekker. Carola liep niet over van enthousiasme. Alex nam een dubbel portie van de prawn bites. Ik mocht er ook één. Alex ging voor het hoofdgerecht voor de seafood grill die weer met groot enthousiasme werd genuttigd. De kreeft en de zeeduivel en de coquilles hadden niet voor niets hun leven gegeven. Carola ging voor een lamsgerecht wat haar tegen viel. Met name de muntsaus viel niet in de smaak. Ik nam de Orkney sole. Deze tong en saus smaakte uitstekend en dat allemaal voor ongeveer 75 pond. 

20 mei
Vandaag begon wat mistig. Tegen het eind van de morgen kwam de zon steeds vaker door. De wind werd in de loop van de dag stormachtig. Het was vrijwel de hele dag droog. We vertrokken omstreeks 11.00 uur over de A965 richting centrum Finstown. Daar namen we net als gisteren de A966. Ter hoogte van Georth gingen we rechtsaf richting de kust naar het strandje genaamd Sands of Evie. Carola en Alexander gingen wandelen richting de restanten van de Knowe of Stenso, een broch waarbij het op de luchtfoto leek of er mogelijk nog wat te zien was, maar die alleen via het strand en de rotsen bereikbaar was. Ze keerden terug met verhalen over waargenomen zeehonden, drie in getal, die tegen de wil van een aalscholver een eilandje in gebruik wensten te nemen en dat uiteindelijk ook deden.

orkney 031

Drie zeehonden die verwoede pogingen deden om een aalscholver te verjagen van het stukje rots waarop ze lagen.

Ik verbaasde mij over de aard van de kustverdediging ter plaatse. Oude en nieuwe staalkabels en kettingen waren tot een soort mat in elkaar gevlochten en over een afstand van meer dan 200 meter tegen de eroderende zanderige kust aangebracht om afkalving te voorkomen. Zelfs de strekdammen zijn gemaakt van lokale steenblokken.

orkney 030

Wat mij ook verbaasde was dat mensen met honden, ook in een buitengebied, de hondenuitwerpselen trouw opruimden. Ook hier vast geïnspireerd door een bordje, dat we een aantal dagen geleden ook al tegenkwamen, en dat opriep mensen te melden die zich niet aan die regels zouden houden met als beloning schone voeten!

Na de wandeling keerden we terug naar de A966 die we vervolgden en we stopten bij een melkveebedrijf genaamd Burgar. Daar achter lagen de restanten van een broch. Via het erf en de weilanden van een melkveehouderij bereikten Alexander en Carola de broch. Ook hier zagen ze twee zeehonden.

We vervolgden de A966 en stopten bij een wandelpad. De kinderen besloten het pad te volgen de Costa Hill (151 meter) op. Met op de top een object genaamd Ernie Tower, vermoedelijk de restanten van een radio- of radarpost uit de tweede wereldoorlog. Ze vonden het een fijne wandeling met prachtige uitzichten. Ze daalden buiten het pad, rechtstreeks door de veenhelling af.

orkney 032

Schitterende uitzichten met op de achtergrond de kliffen van Ramna Geo

We vervolgden de A966 en namen de afslag naar de A967. We stopten bij de Barony Mills, een in bedrijf zijnde watermolen. We werden hartelijk door de molenaar ontvangen die een goede verteller bleek. Hij legde alles uit over de granen die in Orkney verbouwd worden en door hem in zijn molen gemalen. Carola mocht de molen aanzetten en ik uiteindelijk weer uit. De molen en zijn molenaar zijn een bezoek zeker waard. Ik doneerde 10 pond, want dat was het bezoek zeker waard. De koekjes van Orkney meel smaakten uitstekend. Alexander deed ook wat kennis op over de waarde van sommige typen/kwaliteiten van oude uit Frankrijk afkomstige molenstenen. De waarde kan tot 200.000 euro op lopen.

orkney 033

De watermolen van Barony Mills

orkney 034

In de watermolen

We keerden terug naar de A966 en reden naar “Point of Buckquoy”. Daar parkeerden we onze auto. De Brough o’ Birsay een eilandje voor de kust, dat alleen met laag water bereikbaar is, was nog niet bereikbaar. We hebben ongeveer een uur gewacht. Toen waren Carola en Alexander de eersten die de overtocht waagden. Ik ging niet mee omdat het ‘pad’ grotendeels door zeewier was overwoekerd en het geheel heel glad maakte. Ik kon ze wel met de kijker lang volgen. Eenmaal aan de overkant werden de restanten van een Keltisch klooster, een Viking nederzetting, een kathedraal en een bisschoppelijk paleis bezocht. Op enig moment ging mijn telefoon en Alexander vroeg of ze ook nog naar de vuurtoren op het eiland mochten lopen op Brough Head. Ik gaf met de bemerking niet te treuzelen toestemming. De bereikbaarheid van het eiland is immers maar enkele uren en ik wou ze graag heel en droog weer in de auto hebben. Ik kon ze op 14 minuten na de gehele tijd middels de kijker in de gaten houden. Ze kwamen tegen 18.00 uur weer bij de auto. Ruim op tijd.

orkney 035

Het pad naar Brough o’ Birsay.

orkney 036

De resten van de kathedraal binnen het bisschoppelijk paleis.

orkney 037

orkney 038

Vanaf het eiland zijn duidelijk de kliffen van Marwick Head te zien met daarop het enorme Kitchener Monument

orkney 039

Het uitzicht vanaf de vuurtoren was adembenemend.

orkney 040

Onder deze diepe kloof zou zich een uitgebreid grottenstelsel bevinden.

We gingen weer op Stromness aan. Via de A967 en de A965 kwamen we omstreeks 18.45 uur  in Stromness aan. De kinderen bekeken de kaart van de Ferry Inn en wilden eigenlijk wel eens een ander restaurant bezoeken. Ik heb dat voor morgen toegezegd. Vandaag toch weer het vertrouwde Stromness Hotel. Ik ben niet zo van veranderen als het goed is. De kinderen gingen voor de kipsalade, ik voor de champignons Crostini. Wat opviel was dat de salade geen sla bevatte. We vroegen de bedienster een foto te maken, een taak die ze graag vervulde.

orkney 40a

Als hoofdgerecht ging ik voor de grilde kip, Alexander voor de biefstuk en Carola voor de “Steak Pie”. Carola vond het gestoofde gerecht, wat qua vlees op het Bergse stoofvlees leek, heerlijk. De biefstuk was heerlijk mals en Alexander genoot er van. Ook de gegrilde kip was lekker. Samen met de drank was het nog geen 70 pond. Omdat de kinderen het koud hadden, het vele lopen en de harde wind hadden hun tol geëist, werd er geen nagerecht of drankje meer genomen. Omdat ons dienstertje niet wist hoe de rekening werd opgemaakt, kwamen we er achter dat de altijd aanwezige dienster Barbara heette en ze ondanks onze vermoedens geen dochter was van de dame achter de bar.  

Vlak bij huis dacht Alexander een duikboot op een nabij ons huisje gelegen parkeerplaats gezien te hebben. Bij thuiskomst bedacht Alexander dat hij dat eerst wilde onderzoeken en ondanks zijn wens zijn schoenen snel uit te trekken besloten ze dat de ‘duikboot’ onderzocht moest worden. Ik geloofde het wel en zocht met een boek de makkelijke stoel op. Ze kwamen snel weer terug. De ‘duikboot’ bleek een deel van een windmolen op een oplegger. De schoenen konden uit. Alexander viel al snel op de bank in slaap. We besloten onze bedjes maar op te zoeken.  

21 mei
De hele dag regen en storm. Pas tegen de avond werd het droog maar de zon heeft zich niet laten zien. Dit keer aten we niet in het ons vertrouwde restaurant maar werd gekozen voor ‘The ferry inn’, ook in Stromness. De buitenkant van dit restaurant was weinig uitnodigend. De binnenkant verraste ons zeer. Het heeft de sfeer en inrichting die je verwacht in een restaurant in een jachthaven. Met veel zeilattributen, foto’s van schepen en veel bruin glanzend afgelakt hout. Zoals je dat zou verwachten in een luxe zeiljacht.

De bediening was vriendelijk. Ik koos voor een chowder een dikke vissoep met het karakter van een stoofpotje. Het smaakte uitstekend. Alexander koos voor “scallop medley” het was een klein weinig voedzaam voorgerecht. Een scallop in vieren gesneden in een nogal overdadige hoeveelheid knoflook met wat salade. Carola koos voor de “Grimbister Cheese”. Het best te omschrijven als kaas met een gepaneerd korstje met een salade. Het smaakte haar wel. Als hoofdgerecht koos Alexander voor de “Dijon chicken”. Een groot stuk malse kip, die hem goed smaakte. Carola had gekozen voor de “Orkney burger”. Wat een burger! Een bom vlees tussen een broodje omlijst met verse zelf gesneden frites en groenten. Zelfs Carola, een eetster die ons, qua te absorberen hoeveelheden steeds verbaasde, had er moeite mee. Maar uiteindelijk ging het buitengewoon smaakvolle stuk vlees er geheel in. Geen ‘burger’ is haar de baas! Ik koos voor de zeebaarsfilet. De vis smaakte uitstekend. Maar hij lag op een bedje van wat zurige fijn gekookte tomaten. Dat had van mij niet gehoeven. Wat ik in het gerecht niet begreep was de in lange reepjes gesneden groente. Ik denk het groen van bosuitjes. In je mond voelde dat als een graatje. En dat heb ik liever niet als je een vis eet. Dat alles voor nog geen zeventig pond.  

22 mei
Het weerbericht voorspelde tegen 16.00 uur regen. Buien zouden er de hele dag zijn, net als de stormachtige wind. Vandaag om circa 11.00 uur de A965 genomen richting Stenness. Daarna de afslag B9055 richting de Ring of Brodgar, waar Alex nog foto’s moest nemen van de publicatieborden. Toen doorgereden naar de Ring of Bookan. Dat bleek niet meer dan een grondwal. Na de ring of Bookan de afslag naar links genomen richting Voy. Toen via de A967 richting Birsay naar de ruïnes van het paleis van Earl Robert. Het is gebouwd tussen 1569 en 1574 en heeft maar kort gefunctioneerd, want rond 1700 was het reeds vervallen. Deze ruïnes werden bekeken.

orkney 041

De resten van het paleis van Earl Robert.

orkney 042

Mooi doorkijkje bij de resten van het paleis van Earl Robert.

Alexander en Carola zijn toen langs de kust naar het zuiden gewandeld langs Mount Misery. De ‘mount’ was niet meer dan een in het landschap nauwelijks waar te nemen heuveltje. Op een punt nabij de kust op de B9056 pikte ik ze weer op. Bij Cumlaquoy zette ik ze weer af waarna ze een heuvel beklommen naar Marwick Head waar zich het enorme Kitchener Memorial bevond. Dit is een monument ter ere van Lord Kitchener. Deze metershoge toren kijkt uit over de kliffen waar op 5 juni 1916 Lord Kitchener samen met 643 andere bemanningsleden van het schip HMS Hampshire verdronken, nadat het schip op een losgeslagen mijn was gelopen.

orkney 044

Het monument ter ere van Lord Kitchener boven op de klif.

 

orkney 043

Monument ter ere van Lord Kitchener.

Wij Nederlanders zien hem niet als een held maar als een oorlogsmisdadiger, omdat hij in de Boerenoorlog (rond 1900 in wat nu Zuid-Afrika heet maar toen Oranjevrijstaat) eigenlijk de uitvinder was van de tactiek van de verschroeide aarde en concentratiekampen. Hij brandde, omdat hij niet kon winnen, alle boerenhoeven, oogsten en dorpen plat en voerde de boeren en hun gezinnen af naar concentratiekampen waar velen van honger en uitputting stierven. Ik bleef in de auto en reed naar de parkeerplaats aan de kust bij Marwick. Alexander en Carola bezochten tijdens een flinke regenbui en een noordwester storm de kliffen van Marwick Head. Na een uur of twee zaten de kinderen weer in de warme auto. Toen reden we via de B9056 weer richting het zuiden. Alexander en Carola hebben op die route nog gezocht naar een tombe op de Hill of Cruaday, maar niet gevonden.

orkney 045

Alexander heeft zijn eigen ‘Standing Stone’ geplaatst. Voor de liefhebber: hij is terug te vinden op het strand van Marwick Choin.

We gingen op ons huisje aan om daar de voorspelde regen af te wachten. Deze kwam echter niet. Onderweg werd nog een foto gemaakt van een bijzondere zijgevel van Anvil Cottage.

orkney 046

Omstreeks 18.30 uur gingen we naar ons vertrouwde adres in Stromness. Het viel gelijk op dat de parkeerplaats overvol was en dat er iets aan de hand was. Het bleek een Folk Festival te zijn. Het restaurant was afgeladen en voor het eerste half uur was er geen plaats voor ons. We zakten af naar het café op de begane grond. Alexander dronk daar zijn eerste Scapa, een whiskey van de eilanden. Na een half uur was de beste tafel van het restaurant vrij een kregen we de kaart. Deze was vanwege de drukte van het vierdaagse festival fors ingekort. Ik nam geen voorgerecht. Alexander nam de linzensoep en Carola een (nieuw) kipgerecht. Wij allen proefden van haar bord en vonden het heerlijk. Alexander en ik gingen voor de forse fillet steak die, net als eerder, bij Alexander heerlijk smaakte. Carola ging voor de rump steak, die haar smaakte. Voor de steaks kregen we een juskom pepersaus. We hadden deze extra besteld. Alles was in het restaurant net wat anders. Ook de eters die waren anders, het werden steeds meer muzikanten. Ook de vertrouwde servetten hadden een kleur gekregen en waren van papier geworden.

Omstreeks 21.00 uur gingen we zonder de voorspelde regen gezien te hebben weer op huis aan. De kinderen verleidden mij wel met de auto een rondje te maken door de nauwe en steile straatjes van Stromness. Het lukte wonderwel. 

23 mei
De hele dag was het grauw en grijs met buien en motregen en soms even droog. Dit alles met de nodige wind. Het ziet er voor morgen beter uit. We besloten naar Kirkwall te gaan. We vertrokken omstreeks 13.00 uur. Parkeerden de auto nabij de haven en liepen naar het centrum. Bezochten eerst het toeristenbureau en kochten daar wat souvenirs. Kochten voor Alexander een goed jack en liepen door de winkelstraat. Kirkwall is een echt stadje met de nodige winkeltjes met soms, voor ons, vreemde producten te koop. Wat te denken van een balkrabber? Vreemde jongens de Schotten!

orkney 047

Wat we ook veel tegen kwamen waren take a way’s. Kirkwall heeft een aantal monumenten die een bezoek zeker waard zijn, waaronder een museum. Het was wel even opletten want aan de buitenkant wijst weinig er op dat hier iets is wat een bezoek waard is. Zoals in de UK gebruikelijk is, was de entree gratis. Het bleek een kruip-door-sluip-door gebouw met veel plekken waar op je op je hoofd moet letten. Maar de expositie gaf een mooi beeld van met name de bewoningsgeschiedenis van de eilanden. Met heel veel opgravingsvondsten. Een bezoek zeker waard.

Wat meer dan één bezoek waard is, is de Sint Magnus kathedraal. Gebouwd in de 12e eeuw. Zowel van binnen als van buiten een prachtig gebouw met heel veel glas in lood ramen en veel steenwerk en oude grafzerken.

orkney 048

De Sint Magnus kathedraal

orkney 052

Een doopvont in de Sint Magnus kathedraal met uit elke parochie een opgeraapte steen.

orkney 049 orkney 050 orkney 051

Het gebouw is grotendeels uit de lokale zandsteen opgetrokken. Een relatief zacht materiaal wat in wind en regen makkelijk erodeert. Een steenwerker is dan ook in vaste dienst om het gebouw te onderhouden. Tijdens ons bezoek was een dame in de kerk aanwezig die aanspreekbaar was voor alle vragen, die ze uitgebreid beantwoordde. Geen gids in de traditionele zin maar gewoon iemand die op een stoel als alle andere zat, maar die de uitstraling had van: heb je iets te vragen kom bij mij. Voor mij zou een bezoek aan dit gebouw al een bezoek aan Orkney waard zijn.

orkney 053

Overduidelijk is de erosie te zien

Ook restaurants hebben geen gillende uithangborden aan de gevels. We hadden moeite om iets te vinden dat meer in de aanbieding had dan snelle happen. Uiteindelijk besloten we te gaan eten in Dil Se. Een Indiaas restaurant. Als voorgerecht kozen we allemaal voor typisch Indiase gerechten. Hoewel niet naar ieders smaak was de kwaliteit goed. Voor het hoofdgerecht koos Alexander weer voor een Indiaas gerecht wat hem uitstekend beviel. Carola en ik kozen voor een vertrouwde steak. Dat was geen succes. Die van Carola was, hoewel mishandeld, nog wel acceptabel. Die van mij was nauwelijks eetbaar. Taai en te ver doorgebraden en de omlijsting (gebraden ui met champignons) deels aangebrand. Het advies ga daar vooral eten als je van gekruid Indiaas eten houdt, maar als je denkt: ‘ik doe wel mee met gewone kost’, bedenk je dan tweemaal of je wel voor de gezelligheid mee moet gaan.     

24 mei
Vandaag was een mooie dag. Geen regen en afnemende wind. Er was zelfs een moment dat we bij het buiten komen het warm vonden. Vermoedelijk was het wel 12 graden. Vandaag moesten we om uiterlijk om 10.00 uur ons huisje uit zijn. De verhuurster zal onze koffers verplaatsen naar onze appartementen. Waar we na 15.00 uur in kunnen.

Omstreeks 10.00 uur vertrokken we naar Skara Brae. Een neolithische nederzetting die tussen 3100 voor Christus en 2500 voor Christus bewoond was. Het is het oudste bekende dorp van Europa en bestond uit ongeveer 10 huisjes en een werkplaats gelegen aan een straatje. De restanten werden in 1850 ontdekt na een zware winterstorm die veel duinzand verplaatste. De Skara Brae locatie bestaat uit een bezoekerscentrum met een expositie, een nagebouwd neolithisch huisje en het opgegraven dorp. Skara Brae is een bezoek en de entreegelden zeker waard. Onderstaande foto’s geven een aardig beeld van Skara Brae.

orkney 054 orkney 055 orkney 056 orkney 057 orkney 058 orkney 059 orkney 060 orkney 061

orkney 062

Een fotogenieke mus in Skara Brae

Nabij de locatie ligt ook Skaill House. Het betreft een buitenplaats waarvan de bouw gestart is in de 17e eeuw en later steeds verder werd uitgebouwd. Het begon als een gebouw van het graafschap, maar ging in 1615 over naar de Bisschop en later op één van zijn zonen de eerste Laird van de buitenplaats. Ook dit huis, dat gedeeltelijk is opengesteld, is een bezoek waard.

orkney 063

Alexander kon geen genoeg krijgen van de vele historische boeken in de bibliotheek van Skaill House

Voor het eten gingen we naar ons bekende adres hotel Stromness. Onderweg tankten we en deden we inkopen bij een coöperatieve supermarkt.

Het centrum van Stromness was druk met veel muzikanten, die soms spontaan op straat muziek maakten. Het restaurant was afgeladen en vulde zich ook met de muziek van een jamsessie. Het was nu een gelukje dat we de dienstertjes goed kenden en zij ons. Toen er een plaatsje van twee vrijkwam kregen we de tafel en werd er een stoel bijgeschoven terwijl ik echt niet zeker weet of we wel aan de beurt waren. Maar wij waren blij met het plekje vlakbij de muziek waarvan Alexander makkelijk foto’s van kon maken. Alexander kon gaan genieten van de Folkmuziek die in allerlei varianten ten gehore werd gebracht. Carola en Alexander namen het voorgerecht tempura kip. Het smaakte ze uitstekend. Ik nam geen voorgerecht. Als hoofdgerecht namen Alexander en ik de filet steak. Het smaakte als vanouds. Carola nam een pastagerecht wat haar goed smaakte. Na afloop van het eten bleven we wat langer zitten en kon Alexander genieten van een 25 jaar oude lokale whisky.

orkney 064

Voor de nodige muziek tijdens het eten werd gezorgd

orkney 065

Avondmaal in een gezellige sfeer

Toen we het restaurant verlieten probeerden we te doorgronden hoe het festival qua kaartverkoop, locaties en tijden werkte. We konden het systeem (indien er sprake is van een systeem) niet doorgronden. Carola wilde het graag vragen aan de feestgangers ondanks, volgens eigen zeggen, haar beperkte Engelse taalkennis. Ze sprak een wat oudere man op een bankje aan die van een glaasje wijn zat te genieten. Deze bleek het allemaal niet te weten. Zijn excuus ‘I’m from Wales’. Later verzamelde zij al haar moed en sprak ze een als muzikant herkenbare jongeman aan onder het motto: hij zal toch wel weten hoe het werkt! Hij bleek afkomstig uit Noorwegen en had geen idee. Zij een ervaring rijker en met de wetenschap dat ze veel beter met Engels uit de voeten kan dan ze zelf dacht.

We zochten onze appartementen op en mochten ervaren wat het is om uit je huis te kijken terwijl de golven er tegenaan klotsen. Naar schatting drie a vier meter onder je raam ruiste de zee. Het zijn aardige appartementen. Alleen wifi werkt niet zoals we graag zouden willen. Maar dat hebben we op vakantie wel vaker moeten ervaren.  

25 mei
Vandaag was ons mooi zonnig weer voorspeld, het viel tegen. Het bleef wel droog maar het duurde tot omstreeks 16.00 uur voordat de zon echt doorbrak. Ook de harde wind maakte het niet echt aangenaam. We reden naar de Bay of Skaill voor een wandeling naar de Hole o’Row en Row Head. Ik ben tot de voet van de heuvel met Alexander en Carola mee gelopen en heb daar op ze gewacht. De wandeling duurde langer dan gedacht. Daarna zijn we naar het bezoekerscentrum van Skara Brae gelopen om met thee, warme chocolademelk en stevige chocolade cake weer op temperatuur te komen.

orkney 066

Bay of Skaill

orkney 067

Bay of Skaill

We vervolgden met een rit naar een parkeerterrein nabij Yesnaby van waar de kinderen liepen naar de Broch of Borwick. Op zich een interessante plek waar ik gelijk in het beton de oude kanonopstellingen zag, die daar gedurende WO II de kust en de toegang tot Scapa Flow (plek waar het grootste deel van de Engelse vloot lag en het slagschip de Royal Oak in 1939 door de Duitsers werd getorpedeerd en zonk) moesten beschermen.

orkney 068

Broch of Borwick

orkney 069

Konijnen in overvloed op de Orkney eilanden. Op het menu zijn we ze nog niet tegengekomen

Toen was de dag weer ver om en reden we naar Stromness naar ons vertrouwde adres het restaurant van Hotel Stromness. Het dorp was afgeladen en we moesten een eind van onze vertrouwde plek parkeren. Het Folk Festival was nog in volle gang. Ook in het restaurant was er weer een jamsessie waar soms tot 12 muzikanten aan meededen waaronder op enig moment zes strijkers. Het was genieten en Alexander maakte foto’s en filmpjes. Het eten was als van ouds en we probeerde geen nieuwe gerechten We bleven langer dan gebruikelijk. Daarna wilden Alexander en Carola de sfeer in het dorp verder proeven. We spraken af waar we elkaar weer zouden ontmoeten en ik ging een wandelingetje maken. Later bleken Carola en Alexander dat ook gedaan te hebben. 

26 mei
Hoewel de zon was beloofd, bleef het de hele dag somber en winderig weer. Het bleef wel droog. Je kon vanaf de kust zien dat boven zee, op pakweg een 500 meter afstand, de zon wel scheen. Het leek er op dat het land de (laaghangende) bewolking vasthield. Omstreeks 13.00 uur reden we naar het parkeerterrein nabij Yesnaby waar we gisteren ook geweest waren. Alexander en Carola wilden naar Outertown, een locatie nabij Stromness wandelen.

Volgens de borden een tocht van 4 mijl.

orkney 071

Ze deden er bijna 4 uur over. Of de aangegeven lengte klopt valt te betwijfelen. Toen ik ze over de laatste heuvel zag komen, ben ik ze tegemoet gelopen. Ze hadden genoten. Maar voelden hun benen. Onderstaande foto’s geven een aardige indruk van de wandeling.

orkney 072 orkney 073 orkney 074 orkney 075

Ondanks de natte blubberige broekpijpen waren ze in hotel Stromness welkom. Eerst wilden we gaan eten in de Ferry Inn, maar daar bleken alle tafels bezet. Omdat het nog geen zes uur was, wandelden we door Stromness en bleek de boekwinkel nog open. Alexander vond twee opgravingsrapporten en een boek over de zeldzame vogels in Nederland (deels in het Nederlands). Het boek bleek tweetalig. Dat verwacht je toch niet in een boekwinkeltje in Stromness!

De soep van de dag was tomaten/basilicum. Carola en ik gingen ervoor. Alexander had weliswaar een ander voorgerecht (prawn bites) maar een half bord soep van mij ging er ook wel in. Alle drie vonden we de soep heerlijk. Alexander en ik gingen qua hoofdgerecht op herhaling. Carola bestelde Chicken Haggis Crumble. Dat is een soort ovengerecht van kip, champignons, saus en de Haggis Crumble. Haggis is een schapenmaag of runderdarm, gevuld met stukjes hart, long, lever, niervet en havermout. Zo klinkt het niet aantrekkelijk, maar als crumble smaakte het Carola uitstekend. Alexander nam als nagerecht een ‘homemade’ cheese cake. Dit alles met de drank mee voor nog geen 65 pond.  

27 mei
Het was vandaag, qua weer, de mooiste dag tot nu toe. Het begon heiig, maar de zon brak al snel door, zij het wat bleek en dat is de hele dag zo gebleven.

Vandaag zijn we via de A965 richting Kirkwall gereden. Het eerste te bezoeken object was het “earth house Rennibister”, een onderaardse ruimte die via een luik op een boerenerf te bezichtigen was.

orkney 076

In het earth house Rennibister

Daarna gingen we op zoek naar het “Grainbank earth house”. We vonden de locatie op een bedrijventerrein. Het bleek echter alleen toegankelijk met een sleutel te verkrijgen op een adres in Kirkwall. We besloten, gezien het weer, dat mogelijk op een ander tijdstip te doen en eerst te profiteren van de zon om in de open lucht mooie foto’s te kunnen maken. 

Via de A960 gingen we opzoek naar “Mine Howe” een tombe. Het was een teleurstelling de locatie was dicht en het leek erop dat dit al lang het geval was. Het geheel zag er zeer verwaarloosd uit. Het was voor Alexander heel jammer, omdat dit een locatie was waarvan hij een opgravingsverslag had kunnen kopen.

Op de A960 namen we de afslag B9052. Bij het oorlogsmonument voor de gevallenen van de Royal Oak zagen we aan de oostelijke horizon een ander monument dat we besloten te proberen te bereiken. Op de kaart (uit 2002) die we hadden stond het niet. We liepen al snel vast en besloten onze poging te staken. Op die route bezochten Alexander en Carola nog wel een locatie die als “castle” stond aangegeven. Het bleken restanten ten zijn van een klein object. Volgens Alexander kleiner dan zijn slaapkamer.

Via de A961 gingen we over de vier ‘Churchill Barriers’ (verbindingen tussen de eilanden: Lamb Holm, Glimps Holm, Burray en South Ronaldsay) die in opdracht van Churchill zijn aangebracht, nadat een Duitse U boot in 1939 in de baai Scapa Flow doordrong en in staat was het slagschip de Royal Oak tot zinken te brengen en weer te ontsnappen. Deze ‘barriers’ werden aangelegd met het gebruik van veel Italiaanse gevangen die in de Lybische woestijn krijgsgevangen waren gemaakt. Alexander nam veel foto’s van deze ‘barriers’ en de ervoor en erachter afgezonken scheepswrakken, die soms stamden uit WO I en ook toen al dienden om het binnendringen van duikboten te voorkomen.

orkney 077

Churchill Barriers

We reden de A961 af tot de afslag B9041 richting de Tombe of the Eagles. Dat was een locatie waarover ter plaatse uitleg werd gegeven over wat er te zien was. De tombe zelf was alleen te bereiken middels een heel lage doorgang die genomen werd door te gaan liggen op een karretje en jezelf met een touw naar binnen te trekken. Dat leverde best wat bijzondere situaties op. Maar het lukte zelfs mij en uiteindelijk kon Alexander, toen andere bezoekers vertrokken waren, in alle rust zijn geliefde foto’s maken en genieten van het duizenden jaren oude bouwwerk. De locaties, uitleg en wandeling naar de objecten zijn een bezoek en het entreegeld zeker waard.

orkney 078

Ingang van Tombe of the Eagles

orkney 079

Voor deze oude baas een hele klus

orkney 080

….. en dan weer overeind zien te komen

orkney 081

In de Tombe of the Eagles

Tegen de tijd dat we bij de Tombe of the Eagles klaar waren was een andere tombe in de buurt al gesloten. We besloten op de terugweg te gaan eten in de Murray Arms. Een restaurant in het dorpje Sint Margaret’s Hope. Ondanks dat we geen adres hadden gevonden op de folder van het restaurant, konden we het makkelijk vinden.

Als voorgerecht nam ik een garnalen cocktail van Noorse garnalen. Deze smaakte zoals zou moeten. Alexander nam een kipgerecht dat hem goed smaakte en Carola nam een gerookte zalm salade. Dit gerecht was anders dan verwacht. De zalm was gerookt zoals bij ons een makreel. Carola vond de grof gesneden salade heel lekker. Na onze verwondering over deze ‘gerookte zalm’ ging hij vlot naar binnen. Als hoofdgerecht namen Carola en ik een lasagne. Die werd opgediend met frieten en doperwtjes. Het was veel en lekker. Alexander ging voor een coquilles gerecht. Dat bleken coquilles te zijn op een bedje van spaghetti. Ook Alexander genoot van het gerecht. Met de drank  kostte dit alles maar 50 pond. Een plek om terug te komen. Omstreeks 20.00 uur kwamen we weer in onze appartementen aan.

Wat in deze vakantie opvalt is dat, waar je ook komt, in elk restaurant, in elke supermarkt of winkeltje de producten van de Orkney’s worden verkocht en aanbevolen. Vlees, eieren, melkproducten, ijs, bakkerijproducten, whisky, bier, juwelen, kleding, schrijvers, muzikanten enz. Het is een mantra! En het rare is het werkt. Het is een eilandpromotie eerste klas. Effect: nog geen 2 % van de  inwoners is werkloos! Daar kunnen wij slechts van dromen.

Wat opvalt in het landschap is de weidegang van vrijwel alle dieren. Wat ik het mooiste vind is dat je in de wei koeien ziet met hun kalveren. Het is een prachtig gezicht en benadrukt de wijze waarop hier geboerd wordt.    

28 mei
Het was vandaag een zonnige dag en ook de wind deed het voor Orkney begrippen zachtjes aan. Later op de dag werd het zelfs helemaal helder. We besloten nog een keer  over de ‘barriers’ te gaan naar South Ronaldsay. Op Lamb Holm bezochten we de Italiaanse Kapel, gebouwd door Italiaanse krijgsgevangenen die in WO II werkten aan de dammen die de oostkant van Scapa Flow afsluiten. De kapel is een bezoek zeker waard.

orkney 082

De Italiaanse kapel

orkney 083 orkney 084 orkney 085

We bezochten de tombe van de otters. We hadden gisteren gesproken met de eigenaar. Het is een privé tombe van meer dan 5000 jaar oud die slechts gedeeltelijk is opgegraven. De tombe bevat nog steeds duizenden botten van vermoedelijk honderden individuen. De tombe wordt de tombe van de otters genoemd, omdat in de tombe ook otterrestanten en otterpoep van duizenden jaren oud zijn aangetroffen. De redenering van de eigenaar is dat otters aten van het vlees van de overledenen. De tombe is alleen onder begeleiding te bezoeken en is inwendig erg smal. Buiten de gids kunnen er slechts enkele personen tegelijk in aanwezig zijn. De tombe is ook afwijkend, omdat deze grotendeels is uitgehakt in één rotsblok en als het ware daarin is opgebouwd. Vandaag spraken we uitgebreid met de eigenaar Hamish, die het niet zo heeft op de gangbare Schotse archeologen. Hij heeft zo zijn eigen theorieën. Hij heeft wel de werkzaamheden in de tombe door bevoegde archeologen laten doen. Hij en zijn tombe zijn apart en voor lichamelijk flexibele personen een bezoek zeker waard. Ook de vrouwelijke gids deed haar werk met liefde en plezier en kwam deskundig over.

orkney 086

Tombe van de otters

We hebben ter plekke nog wat, door derden deels opengebroken, steen- en ijzertijd objecten bekeken en een aardige wandeling door de natuur gemaakt.

orkney 087 orkney 088

orkney 089

Tijdens onze wandeling kwamen we dit overduidelijk verliefd koppeltje tegen

We hebben op de locatie gegeten in de bistro van de vrouw van Hamish. De bistro biedt een fantastisch uitzicht over zee en heeft een moderne uitstraling en zelfs een terras. 

orkney 090

Schitterend uitzicht tijdens ons avondmaal

Alexander en ik genoten van een salade van Noorse garnalen. Carola was voor de groentesoep gegaan. Deze smaakte goed, maar was wat flauw. Als hoofdgerecht had ik een heilbot genomen. De vismoot smaakte uitstekend en ook de gebakken aardappelblokjes waren heerlijk. Carola had ‘salmon patties’ genomen. Dat waren een soort van zalmkoekjes (zalm met peterselie, ui en ei) ook dat beviel wonderwel. Alexander had gekozen voor coquilles. Ze waren volgens het menu ‘hand dived’ en ze waren groot en heerlijk. De beste coquilles die Alexander naar zijn zeggen ooit had gegeten! Alexander nam als nagerecht een sorbet van eigen gemaakt ijs met fruit en Carola een ‘fruit crumble’ beide gerechten werden zeer gewaardeerd. Dat allemaal, inclusief de drank voor nog geen 80 pond. Mijn advies bij een bezoek aan de Orkney’s: daar zeker minimaal één keer gaan eten.  

29 mei
Het weer was vandaag prachtig. De hele dag zon en de thermometer in de auto gaf op enig moment zelfs 17 graden aan. Omstreeks 13.00 uur zijn we, nadat we Ank gebeld hadden om haar te feliciteren met haar verjaardag, vertrokken naar Stromness om in een aantal winkeltjes wat souvenirs te kopen en het boek op te halen wat Alexander besteld had. De kinderen waren eerst van plan een kustwandeling te gaan maken. Dat plan veranderde en we besloten naar Kirkwall te gaan. We haalden bij het paleis van de bisschop de sleutel van de onderaardse woning op. Daarna gingen de kinderen lopen naar die onderaardse woning op het industrieterrein. Alexander en Carola hebben genoten van het bezoek aan het onderaardse huis. Het object was, vergeleken met andere bezochte onderaardse objecten heel afwijkend en het bezoek zeker waard.

orkney 091

Toegang tot de onderaardse woning

orkney 092

In de onderaardse woning

orkney 093

In de onderaardse woning

orkney 094

De gang in de onderaardse woning

Ik ging voor Alexander een verjaardagscadeautje kopen, een whiskey drinknap,  waarvan ik wist dat hij het graag zou willen hebben. 

orkney 095

Whiskey drinknap

Daarna wachtte ik ze op en gingen we gezamenlijk weer op Stromness aan. We genoten daar nog éénmaal van het uitzicht op Hoy en aten in het ons bekende hotel Stromness. We gingen bijna volledig op herhaling. De enige die iets nieuws bestelde was Carola. Haar voorgerecht was minestronesoep. Het smaakte haar goed. Na dit galgenmaal vertrokken we naar onze huisjes om te gaan opruimen en in te pakken.  

orkney 096

Het uitzicht op Hoy

30 mei
Vandaag de thuisreis. We zijn omstreeks 6.30 uur vertrokken uit onze appartementen in Finstown. Omstreeks 7.00 uur bereikten we het vliegveld, ruim voor het vertrek om 7.50 uur naar Aberdeen. We vertrokken op tijd en kwamen keurig op tijd aan. Haalden de koffers van de band en leverden die weer in voor onze vlucht naar Schiphol. De terugvlucht naar Schiphol vertrok ook op tijd en we kwamen ook volgens de planning aan op Schiphol. Op de koffers moesten we langer wachten dan in Aberdeen, maar Schiphol is dan ook een maatje groter.

Het moet gezegd worden: ons bevalt de service op de vliegvelden in Schotland beter. Geen gedonder met de incheckautomaten. Die staan er wel maar niemand gebruikt ze. Maar gewoon aardige mensen die je te woord staan en laten merken dat ze blij zijn met je bezoek aan hun land. De rit naar huis en Ank verliep voorspoedig. De snelweg liet me snel weer wennen aan rechts rijden. Voor mij toch iets logischer dan links.

Met vriendelijke groet
Louis van der Kallen

 

 


 

 

VAKANTIE 2009 FAROER EILANDEN

 


 

VAKANTIE 2009 FAROER EILANDEN

 

28 augustus 2009
Vanmorgen met Alexander om circa 7.00 uur met de KA vertrokken naar Esbjerg in Denemarken. Tot vlak bij Bremen ging het goed. Bij Bremen bijna 40 minuten gedaan over een kleine 2 kilometer. Tussen Bremen en Hamburg een schijnbaar oneindige rij van wegwerkzaamheden. Iedere keer circa 6 kilometer een 60 of 80 kilometerzone om daarna circa 4 kilometer 120 te mogen. Dat stuk Duitsland was onaangenaam. Na de Elbetunnel ging het snel beter. Om ongeveer half zes naderden we Esbjerg Haven. Even gekeken waar we de volgende dag in zouden moeten schepen voor de Faroer eilanden. Nog even pinnen en tanken en dan de B&B opzoeken. Het tanken lukte pas bij het tweede tankstation. Bij het eerste, nota bene een Shell station, was de uitleg alleen in het Deens. Daar kwamen we niet uit. Bij het tweede ook onbemande station lukte het na enig puzzelen wel.
Om even over zessen vonden we de B&B, bij een boerenfamilie op zolder. Een oudere vrouw legde alles in het Deens uit. Een man vermoedelijk haar zoon (Lars) was in het Engels een man van weinig woorden.

29 augustus 2009
Goed geslapen in de B&B voor in totaal 260 Deense Kronen. Dat is ongeveer 34 euro. Buiten een wandeling, door het centrum van Esbjerg, waar de winkels op zaterdagmiddag gesloten zijn, gelummeld met uitzicht op zee. Omstreeks half vijf in de middag kwam de Norröna voorbij. Een kanjer van een schip.

faroer001

Om circa kwart over zeven hebben we ons gemeld bij de Smyril Line. Alex ontdekte een sterretje in de voorruit. Met het voornemen in Tórshavn een poging te doen het te laten repareren gingen we aan boord. Een Faroerees vertelde dat alle dealers in Tórshavn zaten. Hij had nog nooit gehoord dat men dat ‘injecteren’ ook op de Faroer zou kunnen. We zouden wel zien. We vertrokken 7,5 uur later dan de oorspronkelijk aangegeven tijd. Vermoedelijke aankomst in Tórshavn maandagmorgen om 7.30 uur.

30 augustus 2009
De gehele dag op de boot. Ook dit grote schip met volgens de folder ultramoderne stabilisatoren stampt op de golven. Beweegt naar links naar rechts naar voren en, zo lijkt het soms, naar achteren. Ik ben blij met de pleister tegen zeeziekte. Ondanks de pleister waren mijn benen vaak slap en bibberig. Met goed vasthouden en gericht oversteken lukte het altijd. Als bijwerking van het medicijn had ik een droge mond en keel en veel slijmvorming achter in de keel. Alex had dezelfde verschijnselen. Hij begon op de tweede dag wazig te zien. We hebben toen de pleisters maar afgedaan. Tweemaal warm gegeten. Eerst in het cafetarium en de tweede keer in buffetstijl in het restaurant. Beide hadden een goede prijs-kwaliteit verhouding. Bijna de gehele reis waaide het verschrikkelijk. Zelfs Alex kan alleen op de voorplecht overeind blijven als hij zich vasthield. Lang op het achterdek uit de wind gezeten.
De dag duurde lang. Toen er eilanden in zicht kwamen ontdekten we dat, vanwege de wind, de route van de Norröna dwars door de Shetland eilanden liep. We hebben dus even gevaren door Schotse wateren.

31 augustus 2009
Hoewel de Norröna 7,5 uur later vertrok dan oorspronkelijk gepland, kwam zij slechts 3 uur te laat aan. Nadat we de thuisblijvende Ank via een openbare webcam hadden toegezwaaid, gingen we op zoek naar het toeristenbureau in Tórshavn.

thorn008

We wilden het adres hebben van de lokale Forddealer om iets te laten doen aan de ster in de voorruit. De dealer deed dat soort werk niet zelf maar was zo goed contact op te nemen met een collega. We zouden donderdag morgen terecht kunnen. Daarna de reis naar Klaksvik aangevangen. Die verliep voorspoedig. Alle tunnels op de circa 75 kilometer lange route bleken tweebaans en verlicht. We hebben enige tijd moeten zoeken naar het toeristenbureau, maar uiteindelijk toch gevonden. Daar konden we betalen voor de accommodatie. Richtingaanwijzingen zouden best wat beter kunnen. We hebben ook moeten zoeken hoe en waar we zouden kunnen betalen voor het gebruik van de Toltunnel naar Klaksvik. Ze maken een foto van je kentekenplaat en dan kan je bij een tweetal benzinestations en bij de plaatselijke toeristeninformatie betalen voor het gebruik. Je betaalt één bedrag voor de heen en terugreis (één keer betalen voor twee doortochten). Slim en goedkoop als iedereen eerlijk is. Wat er zou gebeuren als je niet betaalt in onduidelijk. Ik denk dat je dan misschien op of voor de ferry naar Denemarken tegen gehouden zou kunnen worden. We hebben het maar niet uitgeprobeerd. Vandaag hebben we de eilanden Kunoy en Vidoy geheel bekeken en Bordoy grotendeels. Ook weten we nu zeker dat we niet met de boot naar Fugloy en Svínoy zullen gaan. Die eilanden hebben geen goede havenfaciliteiten en je moet dan redelijk atletisch zijn om daar aan land of weer aan boord te komen. Morgen gaan we bekijken of we er per helicopter naar toe kunnen. Dan ga ik ook bekijken hoe en wanneer we op Kalsoy kunnen komen. De drie tunnels op Kunoy en Bordoy bleken onverlicht en enkelbaans. Het passeren op de passeerstroken ging goed. Keer op keer hebben we ons verbaasd over de ervaren stilte.
We hebben Faroereese bankbiljetten gepind. Prachtige biljetten, vooral het biljet van 500 Kronen is voor een Bergenaar een herkenning. Een wenkende krab als illustratie.

faroer002
Ons voornemen om te gaan eten in een restaurant eindigde in een fikse wandeling op zoek naar een open restaurant. Helaas tevergeefs. Met brood, kaas en een blikje Unox worstjes eindigde onze eerste vermoeiende dag op de Faroer.

1 september 2009
Vanmorgen ben ik omstreeks kwart over zes gaan wandelen en heb daarbij de veerpont naar Kalsoy verkend. Hij vertrok om tien over half zeven met slechts één passagier. Voor mij de ideale vertrektijd omdat, als de boot leeg is, het eventueel achteruit er af rijden voor mij geen problemen behoeft te geven (ben in de achteruit een bedroevend slechte chauffeur). Vandaag met Alex Bordoy verder verkend, alsmede een deel van Eysturoy. Wat opvalt is dat zelfs het kleinste dorp beschikt over een school, een kinderspeelplaats en een veelal schoon openbaar toilet. Bergen kan er nog wat van leren. Het mooie weer (12 graden Celcius) dreef de schooljeugd en hun juffrouwen naar buiten. Verder waren de dorpen verlaten. Alleen op de haventerreinen en directe omgeving was het een drukte van belang.
De gehele ochtend was het prachtig zonnig weer en vrijwel windstil. Pas omstreeks twee uur in de middag werd het bewolkt en miezerde het een beetje. Na de tunnel tussen Leirvik en Klaksvik brak de zon weer door. Wat opmerkelijk was dat Alex zijn GSM afging op vrijwel het diepste punt (meer dan 100 meter beneden zeeniveau) van deze circa vijf kilometer lange tunnel. Op meer dan 100 meter diepte werkte alles perfect. Waar een klein landje goed in kan zijn. Ingeval van nood ben je daar, ook in een tunnel van vijf kilometer, bereikbaar
Vanavond gegeten in restaurant Herefort. Ondanks de Engelse naam was de kaart in het Faroerees en Deens. De pepersteak en het lamsvlees smaakten er niet minder om.

2 september 2009
Vandaag de eerste boot genomen naar Kalsoy. Tien over half zes is duidelijk voor de meeste Faroerezen te vroeg. Op die grote boot was slechts één andere passagier en onze KA de enige auto.

faroer003
Kalsoy is slechts enkele kilometers breed en circa 20 kilometer lang met een paar honderd inwoners verdeeld over vier dorpen. Toch gaat er 4 à 6 keer per dag een ferry naar toe en rijdt er gericht op de aankomst en vertrek van de ferry een busje langs de dorpen. Alle dorpen zijn per weg ontsloten. Daartoe is totaal verdeeld over vier tunnels ruim negen kilometer tunnel door de bergen gegraven/gehakt/geboord of opgeblazen. De laatste ruim twee kilometer om 3 gezinnen met de bewoonde wereld te verbinden. Ieder dorp heeft een speelplaatsje en drie van de vier dorpen een soort pannaveldje en daar wordt door de jeugd veel gebruik van gemaakt.
Begin van de middag hebben we de helicopter genomen van Klaksvik naar Fugloy met landingen in Hattarvik en Kirkja. We kregen prachtige vergezichten over de eilanden voorgeschoteld.

faroerA faroerB

Helaas moest er niemand in Svínoy zijn. We vlogen wel over dat eiland en hadden vanuit de lucht een prachtig zicht op het gelijknamige dorp.

faroer004

Zelfs deze eilanden met ieder minder dan honderd inwoners zijn bereikbaar en hebben met een helihaven in geval van nood een snelle verbinding met de rest van de eilanden en de voorzieningen. Naar deze eilanden is ook een bootverbinding maar deze is voor gewone mensen vrijwel niet te nemen wegens de veelal woeste/onrustige oceaan en de beperkte haven faciliteiten. In de middag Eysturoy verder verkend met een passage van een tweetal passen op een hoogte van circa vijfhonderd meter om Gjógv en van daaruit Eidi te bereiken. Zowel bij de helivlucht als bij deze passages viel op dat de bergen eigenlijk een soort tafelbergen zijn. De toppen zijn door erosie en door de gletsjers tijdens de ijstijden afgeplat. Zelfs op deze voor mensen nauwelijks te bereiken toppen zijn schapen te vinden.

3 september 2009
Vandaag om half acht vertrokken naar Tórshavn om het sterretje in de voorruit te laten repareren. Tijdens de reparatie gelopen naar het nationaal historisch museum. Dat was voor mijn arme voeten een verre wandeling. Maar het was de moeite waard. Geschiedenis, cultuur-historie en archeologie werden mooi met elkaar verbonden. Het moderne gebouw lag op een industrieterrein maar voldeed aan alle aan een museumgebouw te stellen eisen. De expositie gaf zeker een totaalbeeld van de cultuurhistorische geschiedenis van de Faroer. Alleen de Engelstalige teksten waren soms wat kort door de bocht. Het meeste pijn deed nog wel de tekst die aangaf dat het Friese Dokkum in Duitsland lag.
Daarna onder andere het fort van Tórshavn bezocht. Dat was zeer beperkt. Het fortje en het Deense garnizoen van circa 40 man is tot de demobilisatie, midden jaren achttienhonderd nooit getest op de militaire waarde.

sornfelli4Later op de middag zijn we op zoek gegaan naar de webcam op Sornfelli. Uiteindelijk hebben we hem op circa 700 meter hoogte in dichte mist gevonden. De laatste honderden meters hebben we gelopen omdat volgens de borden alleen geautoriseerde voertuigen verder mochten. Later bleek dat deze webcam zich bevond vlak voor de ingang van een in de bergtop uitgeholde ruimte waarin een NAVO communicatiecentrum en een locatie Van Faroya telecom waren gevestigd.

Op de terugweg naar Klaksvik de opgraving in Leirvik gezocht, gevonden en bekeken. Dit dorp van ruim achthonderd inwoners bleek te bestaan uit drie ‘stadsdelen’. In de wijk Toftanes troffen we de opgraving aan. Op een mooie wijze werd de geschiedenis voor bewoners en bezoekers inzichtelijk gemaakt.

faroer005

4 september 2009
Vandaag was het uitzonderlijk mooi weer. Vrijwel de gehele dag was het zonnig en misschien wel 13 graden Celsius in plaats van de gebruikelijk 11 à 12 graden. De temperatuur op de eilanden variëert nauwelijks. De dag en nacht temperatuur verschilt hooguit één graad. Zonnig of bewolkt het maakt nauwelijks iets uit. De kleine landmassa’s in die grote oceaan worden nauwelijks door de zon opgewarmd. De watertemperatuur van de oceaan bepaalt het jaar door feitelijk de luchttemperatuur.
Vandaag zijn we door de Saksunardalur vallei gereden. Met voor Faroerese begrippen brede beek met daarin zelfs waterbeheersingwerken zoals een stuw en restanten van wat eens een stuw gecombineerd met een watermolen was.

faroer006

Ook zagen we de restanten van vermoedelijke turfwinning met gegraven waterloopjes ter ontwatering van het veen.
Het dal en de ligging van het dorpje Saksun is van een uitzonderlijke schoonheid. De stilte wordt alleen ‘verstoord’ door het klaterende water van de vele watervallen. Het dorpje Saksun ligt vlak boven een wat eens een natuurlijke haven was. Die is nu verzand. Nu is het een ideale plek om vanaf de zandplaten in zee op zalm en zeeforel te vissen. Terwijl achter wat watervalletjes en kleine stroomversnellingen en een stuwachtige constructie op, de opstroom gezwommen vis, in zoetwater gevist kan worden. Vooral daar werd met vliegen door de eilanders gevist. De beek uit het dal stroom vanaf het hoogste punt zowel naar Saksun als naar Hvalvik de andere kant op.
Daarna zijn we naar Tjørnuvik gereden. Een dorp met een opgraving van Vikinggraven maar ook een prachtig uitzicht op de rotsen bij Eidi, waar twee rotspunten Risin en Kellingin los oprijzen uit de oceaan.

faroer007

Volgens de saga een reus en een trol die de Føroya naar IJsland wilden slepen maar ruzie kregen en bij opkomende zon veranderden in stenen pilaren. Ze deden mij wel even denken aan onze burgemeester en wethouder Linssen die soms ook voor de muziek uitlopen en dan wel eens verblind worden door het licht wat de gemeenteraad wil laten schijnen, bijvoorbeeld met de raadsenquête.

5 september 2009
Vandaag de verhuizing naar de ‘iglo’ in Kvívík. De overgang van onze comfortabele etage in Klaksvik naar het huisje in Kvívík was groot. De ligging en het uitzicht van het huisje zijn prachtig.

faroer008

faroer009

Het huisje ziet er leuk uit, maar het verblijf heeft veel weg van kamperen en schoon was het allerminst. Er zit o.a. schimmel in de koelkast. Een schoonmaak poging staken we spoedig als blijkt dat zelfs de afsluitende rubberrand van de deur ook binnenin volzit met meurende schimmel. Ook blijkt het wel bestelde beddengoed afwezig en de toegangsdeur tot het huisje krijgen we niet op slot. Bij alle beschikbare telefoonnummers van de eigenaren/verhuurders klinkt “niet bereikbaar”. Een tocht naar de ‘tourist informatie’ is leerzaam. Zelfs in dit dorp van niks was geen relevante informatie of nadere adressen van de verhuurders verkrijgbaar. Wel de adressen van politie (Tórshavn) en de gemeente. Maar daar kun je op zaterdagmiddag niet veel mee. Bij terugkeer in het huisje bleek er ineens wel beddengoed afgeleverd. Aan het slot en de koelkast was niets veranderd. Iets niet op slot kunnen doen in de Faroer is niets bijzonders. Het is simpelweg niet nodig. Als voorbeeld de fietsen bevatten zelden een slot. Een sleuteltje zou je kunnen verliezen en dan heb je een probleem. Gejat wordt er niks. Het huisje bevatte allerlei elektronische apparatuur zoals een satelliet TV en DVD. Iets op slot willen doen is echt iets voor rare bange mensen van het continent.
Die dag ook de opgraving van Vestmanna gezocht en na lang zoeken gevonden. Dit was de tweede teleurstelling van die dag. De lokatie bleek ingepakt in plastic. Er viel dus niet veel te fotograferen. Het rondrijden leverde wel voor een mogelijke vakantie een aantrekkelijke verblijfplaats op. In Leynar is een geheel gerestaureerd historisch huisje, met grasdak, beschikbaar voor de verhuur met een prachtig uitzicht over zee en de kust en een zandstandje voor de deur. Een aanrader!

faroer010

Bij Leynar is een oude vistrap voor zalmen van totaal circa twintig stappen.

faroer011

faroer012

Wat in het algemeen opvalt is de moeite die de ‘boeren’ van de Faroer eilanden moeten doen om droog hooi voor de winter binnen te halen. In ieder dorp kom je de kleine doorluchtbare huisjes/gebouwtjes tegen. Maar vaak ook rijen met paaltjes met netten die met de hand gevuld worden met te drogen gras. Helaas is buiten drogen in onze ogen vrijwel verloren moeite met de dagelijkse regenval.
Wat ook opvalt zijn de vele honden. Ze lijken allemaal op elkaar maar wat veel kenmerkender is, is de volledige afwezigheid van ook maar enige vorm van agressie of dreiging. Ze zijn wel nieuwsgierig en worden graag aangehaald. Ze begroeten iedere bezoeker van hun dorp of erf.

6 september 2009
Vandaag begon de dag met veel mist en regen. Tegen elven werd het wat droger en soms was er zelfs een straaltje zon te zien. We hebben het eiland Vágar verkend. Het eiland met een echte luchthaven. Het is zeker geen Schiphol. Ze hebben zestien jaar over de éérste 100.000 reizigers gedaan. Een aantal wat Schiphol vrijwel iedere dag haalt. Het is dus wel iets anders dan onze nationale luchthaven. Opvallend was het huisje bij Gásadalur dat vanwege de soms wel erg krachtige winden stevig was vastgezet.

faroer013

Dit dorp van circa 30 zielen is middels een verlichte tunnel van circa 1,7 kilometer met de rest van de wereld verbonden. Het heeft als grote uitzondering geen kerk, maar wel een begraafplaats.

7 september 2009
Gisteravond en vannacht veel wind en nog veel meer regen. Vanmorgen konden we door de vele regenbuien soms het einde van ons toegangsweggetje niet eens zien. De regen, gemengd met de laaghangende bewolking op onze berg, leverden soms dus een zicht op van minder dan 50 meter. Tegen tienen besloten we naar Tórshavn te gaan via de kustweg en de tunnel. De bergweg leek ons met deze wind en het beperkte zicht te gevaarlijk. Eenmaal in Tórshavn besloten we toch de boot te nemen naar Sandoy. Het klaarde op en de lucht brak open.
Sandoy is een wat gelijkmatiger eiland. De bergen zijn meer glooiende heuvels. We hoopten de eilanden: Shúvoy, Stóra Dimun en Lítla Dinum te kunnen fotograferen. Dat lukte matig. Ondanks de zon en de sterke wind bleef het boven zee heiig. Op de weg terug van Skarvanes hadden we een bijzondere ontmoeting met een viertal paarden. Alle dagen hadden we reeds de vele loslopende schapen kunnen ontwijken. Veelal gingen ze bij onze nadering vanzelf op tijd van de weg. Deze paarden waren dat echter niet van plan. Ze proefden zelfs aan de auto. Vooral een ruitenwisser was interessant. Na circa 5 minuten verdween de interesse voor dat rare model auto (KA) met de afwijkende kleur (paars) en nummerplaat (Nederlands) en mochten we verder.

faroer014

faroer015

Het weer werd in de loop van de middag rap slechter. Terug op de boot kwam de mededeling (in het Faroerees) dat er veel deining stond.
Eenmaal terug in onze ‘iglo’ bleek wat het betekent op een kale berg op de Faroer te verblijven. De gierende wind en de striemende regen deden het huisje steunen en kreunen en soms bewegen. We hoopten dat het rottingsproces van het houtwerk nog niet zover zou zijn dat we morgen tot de ontdekking zouden komen dat we onderaan de berg, dus in zee wakker zouden worden.

8 september 2009
Vannacht en vanmorgen heeft het stevig gestormd met veel regen. We besloten naar Tórshavn te gaan en naar het tourist informatiecentrum (om te mailen) en naar het natuur historisch museum van de Faroer. In het tourist informatiecentrum de kaart van de eilanden nog eens goed bekenken en geconcludeerd dat zelfs op de Faroer eilanden gemeentelijk chauvinisme soms ver gaat. Op Vágar is een relatief groot meer dat in de twee verschillende gemeenten, die het meer territoriaal verdelen, het meer ook verschillend heet.

faroer016

Het natuurhistorisch museum is zeker een bezoek waard. Het is vooral ook interessant vanwege de weergave van de geologische geschiedenis van de eilanden. Tijdens ons bezoek waren er geen andere bezoekers. Speciaal voor ons werden de geluiden behorende bij de expositie aangezet. De rest van de dag doorgebracht in onze ‘iglo’.
Harde storm en veel regen bracht ons tot de televisie. De Faroya televisie heeft een aantal bijzondere eigenschappen. Het is één zender die grotendeels een overname is van een Deense zender. De typisch Faroerese elementen zijn onder andere het nieuws, dat meer een actualiteiten programma is waarbij de gasten stevig bevraagd worden. Het vaste hoogtepunt is de vrijwel dagelijkse berichtgeving over de eigen voetbal competities! Op een bevolking van nog geen vijftigduizend zielen heeft men minimaal twee klassen. De ‘premier legue’ bevat 10 clubs. Het bijna dagelijkse half uur van het sportprogramma “3-2” bevat rapportages van de wedstrijden, trainingen, interviews met spelers, trainers, clubbestuurders en supporters. De inzet is fenomenaal. De emoties zuid-europees. Geen uitzending zonder een rode kaart,die altijd zonder morren gedwee werd geaccepteerd. De wedstrijd tegen Oostenrijk van het nationale elftal was een hoogtepunt waarvan men geen genoeg lijkt te krijgen. Vooral het eigen doelpunt werd en wordt vermoedelijk nog steeds eindeloos herhaald. Faroerezen houden van sport en zeker van voetbal. Ze kennen ook een doelpunt van de week. De drie uit te kiezen ‘male’ komen ieder reclameblok langs.
Wat ook een belevenis is, is de weersverwachting omdat de variatie in temperatuur per dag en op de dag gering is wordt hij over het etmaal in tienden van graden nauwkeurig weergegeven. Waar ik even over gedaan heb, om het vanuit het Faroerees te begrijpen, was de weersverwachting per visgebied. Van een aantal locaties op zee wordt ook uitgebreid het te verwachten weer aangegeven.
De storm bereikte in de avond en nacht een nieuw hoogtepunt. Het geloei in de pijp van de houtkachel was werkelijk oorverdovend.

9 september 2009
De zee is nog woest maar de storm is gaan liggen. De morgen begint met een waterig zonnetje. Vandaag opruimen, inpakken en nog een bezoek aan Tórshavn en mogelijk een bezoek aan het lokale ‘stadskantoor’. Alex probeert nadere informatie te verkrijgen over een aantal opgravingen op de eilanden. Zodat de te schrijven artikelen in het magazine van de Stichting In den Scherminckel ook over archeologie op 62 graden noorderbreedte de juiste informatie gaan bevatten.
De rit naar Tórshavn had achterwege kunnen blijven. Het lukt niet de lokale archeoloog te spreken te krijgen noch bij de gemeente aan zijn emailadres te komen. Archeologische gegevens lijken op de Faroer eilanden wel staatsgeheim.
Ook het winkeltje waar Alex graag iets wil kopen voor zijn lief bleek nog steeds gesloten.
Vanavond dachten we ons galgenmaal in Vestmanna te genieten. Het enige restaurant in een straal van 35 kilometer van ons ‘huis’ bleek door de weeks alleen tot 16.00 uur geopend. Rare jongens die Faroerezen.

10 september 2009
Vandaag is de dag van vertrek. Omstreeks 15.00 uur naderen we het centrum van Tórshavn. File!!! Die morgen blijkt een cruisschip met 3200 Amerikanen aangekomen. Het centrum van Tórshavn is overstroomd met die mensen. Door de vele zebrapaden in het centrum loopt het verkeer vast, omdat de Faoerezen nog stoppen voor mensen op zebrapaden. Na de auto aan de haven geparkeerd te hebben (onder het webcam oog van Ank) ontvingen we al snel een sms van Ank.

thor 23Allerlei duistere figuren hielen zich op bij ons voertuig. Bij een snel onderzoek ter plaatse, maakten we mee wat normaliter alleen eigenaren van een rolls royce of sportwagens of oldtimers meemaken. Veel van die Amerikanen, waaronder Ford gepensioneerden bekeken mijn Ford Ka als ware het een rariteit. Sommigen dachten zelfs aan een prototype. Zou Ford nu eindelijk ook in Amerikaan kleine auto’s gaan maken? Het is een Ford, maar ze kenden het type niet. Diverse keren kreeg ik de vraag wat is dit voor een Ford? Mijn standaard antwoord was: Ééntje die ‘60 miles’ rijdt op ‘one gallon gas’. Verbazing alom. Ford kan ze maken, maar verkoopt ze klaarblijkelijk niet in de VS. Een paar vragers later kwam de vraag wat betekent KA. Mijn antwoord met een glimlach: “Kick Ass” werd wijzend op een naast geparkeerde KIA meesterlijk opgepakt: “ja en dat is een Kick International Ass”. Er blijken gepensioneerde Amerikanen met humor te bestaan.
De boot vertrok op tijd.

11/12 september 2009
De bootreis verliep voorspoedig en over een relatief rustige zee. Zaterdag kwam keurig op tijd de kust van Denemarken weer inzicht. De files op de Duitse wegen vielen ook mee. Zaterdagavond waren we gezond en wel weer thuis en konden we aan de slag met de vele post en mails.

Voor meer info over de Faroer eilanden bekijk dit filmpje op youtube. Het filmpje en de eilanden zijn een bezoek zeker waard.

 

 


 

 

VAKANTIE 2007 IJSLAND

 


 

VAKANTIE 2007 IJSLAND

Dag 1
Aankomst in Reykjavik. Alles sluit goed aan. Het hotel zit in het centrum van de stad. Een wandeling in de vroege avond door de stad laat een indruk achter van schoon, druk, gemoedelijk en goed openbaar vervoer, veel beelden en gedenktekens, veel ontspannen mensen die bij 12 graden C genieten van de late avondzon.

De kerk van Reykjavik

De kerk van Reykjavik

Dag 2
Zaterdagmorgen om 06.10 uur naar buiten. De stad maakt een heel andere indruk. Een ongelooflijke puinhoop op de straten. Rond de cafés veel gebroken flessen en glaswerk, veel peuken en pakjes sigaretten, enz. Wat opvalt is het relatief grote aantal dronken, zo niet laveloze mensen die zittend op de stoep of onvast wandelend vaak met een fles in de hand door de verlaten stad hun weg zoeken. De gemeentereiniging veegt en sproeit de stad schoon. Vanaf ca. 11.00 uur een tocht per auto door het lege IJsland. Prachtige natuur, stille wegen, dorpen met enkele huizen. Alles, zelfs een enkel huis, lijkt een afslag met een naam te hebben. Een dorp van goed 900 inwoners is een stad met een eigen zwembad. Een dorp van 2400 inwoners beschikt niet alleen over een eigen zwembad, maar ook uitgebreide sportterreinen, inclusief een goed uitgeruste en onderhouden atletiekbaan. De gewone huizen maken een slecht onderhouden en armoedige indruk. Vrijwel alle muren en daken zijn bedekt met golfplaten in alle kleuren.

Dag 3
Goed geslapen in Saudárkrókur, de “stad” met ca. 2400 inwoners. Om 06.45 uur gaan wandelen in een zee van zonlicht. Het dorp, met alles van postkantoor tot politiebureau, is totaal verlaten. In het uur van de wandeling geen enkele hond gezien of gehoord. Ze waren in Reykjavik ook al zeldzaam. Een poes gezien en twee rijdende auto’s. Eén passeerde mij en keerde op de eerste kruising gelijk weer om. Hij stopte aan de overzijde van de weg, vlak achter mij. Een grote donkere man stapte uit. Even bekroop mij een gevoel van onrust. Hij liep naar de achterbank en pakte een plastic zak en bezem en een blik met steel. Hij veegde de enige glasscherven op die ik in heel Saudárkrókur in ruim een uur had gezien. Ook op zondagmorgen deed de gemeentereiniging van dit dorp, dat een stad heet te zijn, zijn werk. Ongelooflijk in Bergen op Zoom gaat dit anders. Van veel huizen staan raampjes open. De criminaliteit moet hier super laag zijn, anders zou men het de eventuele inbrekers niet zo gemakkelijk maken.
Toen we zondagmorgen wegreden viel op dat de nationale vlaggen van IJsland, die de avond ervoor binnengehaald waren, allemaal weer werden opgehangen aan alle lantaarnpalen op de doorgaande hoofdweg. Er straalde een gevoel van eerbied voor de vlag uit dat deze ’s nachts werd binnengehaald, ook al is de nacht hooguit enkele uren.
In Holar weer een verrassing. Een opgraving. Alexander was vol enthousiasme dat snel overging in verbazing. Niemand te zien en de vondstzakjes met vondsten lagen open en bloot verspreid over de opgravingslocatie. Dit is in Nederland helaas onmogelijk. De vondsten zouden zo door onverlaten meegenomen worden. Na enig zoekwerk de archeologe gevonden. Alexander kan eventueel morgen of overmorgen op een andere locatie ervaring opdoen in IJsland, een kans die hij niet liet lopen. Een paar kilometer verder. midden in het veld ca. 300 meter van de weg, het oudste kerkje van IJsland. Alles verlaten. We besloten toch maar te gaan kijken. Het kerkje in het midden van ‘nergens’, totaal verlaten, bleek open.

ijsland3

MINOLTA DIGITAL CAMERA

MINOLTA DIGITAL CAMERAKandelaren, bijbel enzovoorts, open en bloot voor iedereen mee te nemen. Op de deur een antieke sleutel, zo voor de pak. We moesten bukken voor twee bronzen klokken uit 1720. Dan besef je pas goed dat dit eiland gezegend is met geen of nauwelijks misdaad. In Bergen op Zoom worden voor een paar euro de bliksemafleiders gejat. Hier ligt voor honderden, zo niet duizenden euro’s waarde voor het pakken en niemand peinst er zelfs maar over. Ik ben een beetje jaloers op zoveel voor ons helaas ouderwetse vrijheid van vandalisme en misdaad. Wat hebben wij als samenleving verkeerd gedaan dat dit bij ons niet meer kan?

Dag 4
Vandaag vroeg op om 04.00 uur. Ik breng Alexander 220 km. terug naar de opgraving, een havenlocatie uit de 10e/11e eeuw. De eerste 35 minuten rijden we zonder een andere auto op de weg te zien. Kennismakend met de ploeg archeologen groeit het enthousiasme van Alexander. Nieuwe contacten en kennis toevoegen is nooit weg. Onderweg heeft hij uit de gisteren meegekregen literatuur al geconstateerd wat zijn bijdrage o.a. kan zijn: determinatie van het deels uit Nederland (misschien wel uit Bergen op Zoom) afkomstige aardewerk. Zelf rij ik door naar Sighufjördur. Het plaatsje heeft een monument voor omgekomen redders op zee. De lijst kent bijna 30 namen, een indrukwekkend monument. Helaas geen foto. Alexander heeft het fototoestel mee. Archeologie gaat voor! Wat ook opvalt is het grote aantal jongeren dat bezig is in het plaatsje aan de openbare ruimte en in het haringmuseum. Het blijkt in deze regio gewoon te zijn voor scholieren, die drie maanden zomervakantie hebben, dat ze tegen betaling vakantiewerk kunnen doen voor de gemeente. Misschien een ideetje voor onze gemeente.

Dag 5
Vandaag walvissen kijken met een 25-tal mensen op een vissersboot, terwijl we gisteren nog walvisvlees op een menukaart tegenkwamen. Toeristen en IJslanders vol enthousiasme bij het zien van die prachtige dieren, terwijl IJsland dit jaar zelfs commerciële walvisvangst weer toelaat. Verderop, binnen verrekijkerbereik, een vissersschip met de mogelijkheden van de walvisverwerking, is te concluderen. Wat kan het gedrag van de mens toch vreemd zijn. Onderweg naar Dettifoss bij Vestaraland hebben we twee liftsters uit Tsjechië opgepikt. Ze mochten mee richting Egilsstadir, ruim 200 km extra gezelschap. Bij het afscheid vroegen ze of ze ons met de auto op de foto mochten zetten voor het plakboek, een herinnering aan de mensen die je in de middel of nowhere een droge reisplek verschaften. Comfortabel was het echter niet. De eerste 50 kilometer gingen over een vulkanische steenslag wasbord. Een shovel met rupsbanden had de weg aangedrukt. We schudden de auto uit.

Dag 6
Eerst naar een opgraving bij Skridaklaustur. Een opgraving waar het echt nog gaat om op een wetenschappelijk verantwoorde manier kennis op te doen van het verleden. Een verleden dat in IJsland, samen met de taal en de cultuur, gekoesterd wordt. Dagelijks een zevental rondleidingen op de opgravingslocatie, die gelegen is naast een landhuis van een voor IJsland belangrijke schrijver. In het huis waren een aantal exposities, alle gewijd aan de rijke IJslandse cultuur. Hier in IJsland wordt iets gekoesterd wat ik thuis wel eens mis. Waardering voor het eigene van volk, taal, geschiedenis en cultuur zonder een nationalistische bijklank. Tussen Djúpivogur en Höfn zagen we nog een restant van een roze zaterdaguiting in IJsland.

ijsland1
Later reden we Höfn binnen, een dorp, hier een grotere stad met ca. 1.760 inwoners, waar alle (en dat zijn er veel) nationale IJslandse vlaggen halfstok hangen. Navraag leert dat gisteren een inwoner was overleden. Uit respect en medeleven hangt iedereen zijn vlag halfstok. Samen deel je immers het verlies. Een prachtige traditie. Dit herinnert mij aan mijn jeugd waar iedereen in de straat bij een sterfgeval een wit laken voor de ramen hing.

Dag 7
Vandaag een prachtige boottocht op het gletsjermeer Jökulsárlón, een meer dat in de vorige eeuw is ontstaan. Daarvoor was het geheel door een uitloper van de Vatnagökull met gletsjerijs bedekt. Door de klimaatverandering trekt de gletsjer zich terug en het is de vraag of de komende generaties nog kunnen genieten van de boottocht die we vandaag gemaakt hebben over een meer gevuld met de van de gletsjer afkomstige ijsbergen.

MINOLTA DIGITAL CAMERA

MINOLTA DIGITAL CAMERA

Langs de waterloop van het gletsjermeer naar de zee hadden we nog een prachtige ervaring. Een zeehond zwom tegen de stroom van het afgaande tij de rivier op, richting de gletsjerlagune. Telkens als hij opdook keek hij even naar de ‘rare’ mensen die hem trachtten te volgen.

ijsland2
Nabij Hal maakten we deze foto van een muur van een restaurant (opgebouwd uit levensgrote boekenkaften). Hoe kun je de cultuur en taal van je land en schrijvers in beeld brengen!

Dag 8
Vannacht geslapen in een hotel in een district waarvan Kirkjabaejarklauster met ca. 150 inwoners de centrale plaats is. Het district heeft totaal nog geen 500 inwoners en de grenzen van het district liggen ruim 100 km uit elkaar. Toch bevat het district alle voorzieningen, waar menige Nederlandse gemeente jaloers op kan zijn: enkele openbare zwembaden, enkele benzinestations annex supermarkt, een bank, een politiebureau, een postkantoor met telefooncel en een winkel die van alles verkoopt. In IJsland heeft de overheid het redelijk voor elkaar. Vandaag in Hvolsvöllur het Sagacentrum bezocht met de uitleg over de geschiedenis van het IJslands Parlement, de Althing die vanaf 930 jaarlijks bijeenkwamen in juni in Thingvellir. Toen er nog geen geschreven taal, dus geschreven wetten waren, las ieder jaar de ‘wetspreker’ 1/3 van alle wetten uit het hoofd op, zodat de wetgevers wisten waar zij zich aan te houden hadden.

ijsland4

Wat zou het voor effect hebben wanneer de wetgevers van nu jaarlijks 1/3 van onze wetten zouden aan moeten horen, laat staan ze uit het hoofd op moesten kunnen zeggen. Ik denk dat we dan al ras met minder regelgeving toe zouden kunnen. Dat zou pas dereguleren zijn.
Vandaag ook de oplossing van een raadsel waarvoor we vanaf dag 1 gesteld waren. Wat was de betekenis/geschiedenis/bedoeling van al die duidelijk door mensenhanden gebouwde torentjes van stenen of stenenstapels die we op de meest onwaarschijnlijke plaatsen tegenkwamen? Mijn zoon, assistentarcheoloog bij de gemeente Bergen op Zoom, verzon c.q. bedacht allerhande redenen. Richtingaanwijzers/weggeleiders, herdenkingstekens, religieuze gedenkplaatsen, enz. Bij Laufskàlavarda vonden we de oplossing. Op deze plaats was een concentratie van honderden, zo niet duizenden ‘torentjes’. Bij een in 894 door een eruptie van de vulkaan Katla verwoeste boerderij ontstond de traditie dat iedere reiziger die voor het eerste voorbij kwam een steen toevoegde aan een ‘torentje’ op de locatie van de verwoeste boerderij voor geluk en voorspoed op hun reis. Wij hebben ook enige stenen toegevoegd. De overheid stort nu regelmatig een voorraad stenen, zodat ook de hedendaagse reizigers hun steen kunnen bijdragen in deze unieke IJslandse traditie.

Dag 9
Er wordt in IJsland, behalve in Reykjavik, niet veel gebouwd. Sterker nog, het platteland loopt leeg. Alleen toeristenaccomodaties nabij boerderijen worden nog uitgebreid. Wat opvalt is het ontbreken van afzettingen rond bouwplaatsen en ook daar wordt klaarblijkelijk niets gestolen of gesloopt. Gezien de lelijkheid en kleurstellingen van wat men bouwt of verft, denk ik niet dat IJsland een algemeen welstandsbeleid kent. De felste kleuren kun je tegenkomen in het landschap, zowel op particuliere bouwwerken als op overheidsbouwwerken zoals vuurtorens. Ook deze kunnen volledig oranje of rood zijn of combinaties van felle kleuren. Het land is schoon maar bezaait met in vervallen staat verkerende bouwwerken. Een rood voor groen regeling is in IJsland hard nodig om het landschap, dat qua natuurschoon prachtig is, op te schonen.

MINOLTA DIGITAL CAMERA

Schitterende waterval

Dag 10
Met morgen de thuisreis in het vooruitzicht is dit de laatste dag van onze vakantie. Terugkijkend ben ik wel een beetje jaloers op dit land met geen echte grondstoffen, maar met een sociale structuur die er toe leidt dat telefooncellen nog telefoonboeken hebben, dat kerken in het open veld niet op slot zitten en bijbels, kunst, kandelaars, antiek open en bloot onbeschermd kunnen worden getoond en niemand het meeneemt of sloopt. Dat toiletten in de middel of nowhere schoon zijn, heel zijn, toiletpapier bevatten en werken zonder dat iemand de boel kapot maakt. Dat meetapparatuur met kostbare zonnecellen langs de weg kunnen staan op plaatsen waar overdag slechts enkele auto’s per uur passeren en niemand ze steelt. Wat een rijk land met zo’n mentaliteit. Ik hoop dat IJsland deze onschuld niet zal verliezen. Wat zijn we in Nederland dan feitelijk arm met alles op slot en alles beveiligd met hekken en camera’s.

Dag 11
De laatste dag nog heerlijk wat relaxen in de thermale baden van de Blue Lagoon. Het einde van een heerlijke vakantie.